Over en Sluiten
De organisatoren van de twee werkconferenties over de -door het CvB- voorgestelde reorganisaties hadden iets leuks bedacht. Kleine, interactieve praatgroepjes onder leiding van een bekend persoon uit eigen UT-gelederen. Met rode, lichtgroene en witte kaarten waarop men zijn of haar opmerkingen kon opschrijven. Lekker scoren. Niet uniek, maar wel weer `es wat anders. Creatief ook en goed voor de onderlinge binding. Je spreekt nog `es wat nieuwe mensen. Of ziet een oude bekende. Je moppert `es wat in de pauze. Je hebt oog voor andermans problemen. Je verwondert je over persoonlijke notities die stilaan tot UT-beleid zijn verheven. En je hebt met z'n allen maar één opponent: de wijze mannen in de Vleugel, zeg maar het Torentje. Zo werkt dat op de werkvloer. De kleuren van de kaarten? Rood voor kritiek, lichtgroen voor mildere opmerkingen en wit voor goedbedoelde suggesties en aanvullend materiaal. Zo ongeveer. U voelt het al: de eerste vijf minuten was het een gepuzzel van jewelste welke opmerkingen aan welke kleur moesten worden gekoppeld. `Het bureau van de universiteit wordt een waterhoofd'. Eh, doe maar op rood, duidelijke zaak. `Eerst een analyse, dan een model'. Eh, doe ook maar rood, erg rood zelfs. `Het CvB is niet uit op efficiency, maar op een bezuiniging van vijf miljoen'. Rood? Ja toch wel. `Het flankerend personeelsbeleid bij de plannen ontbreekt.' Geen twijfel mogelijk, hartstikke rood. Even tellen, dat zijn dan vier rode prenten. Maar wat gebeurt ermee? Niks denken we. Het CvB hoeft het veld niet te ruimen, mag blijven. Bij het voetbal is dat veel transparanter: bij twee keer geel of één keer rood is het inrukken geblazen. Klaar. Zijn we binnen de UT dan echt te aardig voor elkaar?