Zijn conclusie was duidelijk: de laatste dertig jaar is er amper vooruitgang geboekt als het gaat om de lichamelijke prestaties van topsporters. In tegenstelling tot de veelgehoorde berichten hebben zelfs de verboden dopingmiddelen nauwelijks effect.
De presentatie van hoogleraar Kuipers was de tweede uit een tweedelige serie. Een week eerder vertelde dr. Rico Schuiers, onder andere mental coach van diverse winnende Olympische ploegen, nog hoe de juiste geest kan bijdragen aan optimale prestaties. Maar ook Kuipers raakte nu en dan aan de mentale aspecten van de sport. ‘Lichaam en geest zijn namelijk niet te scheiden,’ aldus de voormalig wereldkampioen in zijn inleiding.
‘Ik ben al jaren op zoek ben naar de grenzen van het lichaam,’ vertelt Kuipers, die in zijn jonge jaren ook nog een verdienstelijke wielrenner was. Hij studeerde geneeskunde en is al jaren inspanningsfysioloog. Als lid van de medische commissie van de internationale schaatsbond reist hij de hele wereld over en controleert hij topschaatsers op het gebruik van verboden middelen. ‘Ik heb dan ook al diverse onderzoeken gedaan naar de werking van doping.’
Kuipers legt uit dat de kans om de top de behalen voor zeventig procent wordt bepaald door talent. ‘De overige dertig procent van de fysieke eigenschappen kun je met training beïnvloeden, en die kans moet je dan ook optimaal benutten. Het verschil tussen winnen en verliezen is vaak namelijk maar een fractie van een procent.’ Ook bepaalde karaktereigenschappen zijn erg belangrijk. ‘Zelfdiscipline, wedstrijdintelligentie en het goed kunnen verwerken van tegenslagen.’
De afgelopen jaren zijn vele records in de sport keer op keer gesneuveld. Volgens Kuipers komt dat vooral door het verbeterde materiaal. ‘In de atletieknummers tussen de 400 en 1500 meter gaan de tijden al jaren niet meer echt omlaag, omdat daar nou eenmaal weinig verbetering te halen valt op het gebied van kleding en schoeisel.’ Maar bij schaatsen en wielrennen ligt dat heel anders. ‘Lichtere fietsen, beter ijs, klapschaatsen, daarmee worden de verschillen met vroeger gemaakt.’
Ook op het gebied van training is de afgelopen decennia heel wat verbeterd bij het schaatsen. ‘De sporters kunnen tegenwoordig veel vaker op kunstijs trainen en leren een betere techniek aan.’ Kuipers was in zijn tijd praktisch de enige schaatser die voor een wedstrijd zijn rust pakte. ‘Dat pakte goed uit en deze aanpak is door de jaren heen door iedereen overgenomen. Het is namelijk ontzettend belangrijk om goed uitgerust aan de start te verschijnen en je krachten goed te doseren. En ook intervaltraining is onontbeerlijk.’
In de wielrensport is het afgelopen decennium een hoop vooruitgang geboekt door de introductie van vloeibaar voedsel. Kuipers legt uit: ‘Een normaal persoon heeft dagelijks ongeveer tweeduizend kilocalerieën nodig, maar tijdens de zwaarste dagen van de Tour de France verstoken de renners tot wel negenduizend kilocalorieën op een dag. Om goed te presteren moet je dat weer aanvullen, maar met normaal eten kan je maagdarmstelsel dat niet aan. Dankzij vloeibaar voedsel kunnen de renners dat de laatste jaren wel.’
Als de professor heeft uitgelegd hoe je op eerlijke wijze je lichaam optimaal kunt inzetten voor de sport, start Kuipers zijn verhaal over doping. Hij legt uit dat er een grote lijst verboden middelen bestaat, die zeker in het verleden in sommige takken veelvuldig werden gebruikt. ‘Toch is het van de meeste zaken helemaal niet aangetoond dat ze een positieve invloed hebben. Sterker nog, van sommige middelen is zelfs bekend dat ze averechts werken,’ aldus Kuipers. Anabole steroïden blijken wel goed voor de prestaties van vrouwen te zijn. ‘Zowel voor snelheid, kracht als te leveren vermogen. In de DDR werden die vroeger veelvuldig gebruikt, vandaar ook dat er nog steeds allerlei records uit die tijd onovertroffen zijn.’
Volgens Kuipers werkt doping dus nauwelijks. Maar waarom wordt het dan zo veel gebruikt? ‘De belangrijkste reden hiervoor is de onterechte redenering ‘als het niet mag zal het vast werken’.’ Kuipers ziet betere voorlichting en het schrappen van nutteloze producten van de dopinglijst dan ook als belangrijke middelen om het dopinggebruik terug te dringen. ‘Daarnaast zorgen nieuwe opsporingsmethodes voor een hele verbetering net als juiste straffen. Als een sporter gepakt wordt moet je ook zijn begeleiders aanpakken, die hebben meestal het belangrijkste aandeel in het misbruik.’