U begrijpt, het was feest op onze redactie. Zo'n succes is goed voor de moraal. We zijn meteen nieuwe primeurs gaan voorbereiden. Binnenkort gaan we aantonen dat er op wederrechtelijke wijze geld uit de kassa van een winkel gehaald kan worden. Dat gaan we doen met bivakmutsen en een pistool. Hier hebben we ook al een woord voor bedacht. We zullen het roepen bij het betreden van de winkel: dit is een overval! De geschrokken caissières zullen er niets van begrijpen.
Een collega zal met een mes een crèche binnengaan en daar insteken op baby's. Als die overlijden gaan we dat moord noemen. Of nog mooier: kindermoord. Moet je eens opletten hoe zo'n verhaal verkoopt. Als je het opneemt in een religieus geschrift, wordt dat over tweeduizend jaar nog steeds gelezen.
Ja, onze redactie doet volop mee aan de jongste journalistieke trend: participerende verslaggeving. Wie wil scoren toont zijn eigen lotgevallen. Succesvolle misdaadverslaggevers laten zichzelf door een crimineel in elkaar slaan. Of weet u nog van dat gedoe laatst in Gaza? Wat er precies gebeurde interesseerde niemand, maar mijn televisiecollega's haalden mooi elke avond het nieuws met hun aangrijpende verhaal dat zij de Gazastrook niet in mochten. Heel Nederland zat gekluisterd aan de buis. Zou het ze toch nog lukken?
Tientallen doden bij een bombardement, dat verkoopt niet. Maar als onze cameraman getroffen wordt, dan hebben we een verhaal. Omdat het echt is. Ons publiek wil geen derdehands poeha doorgegeven door een persbureau. Het wil de naakte waarheid. De reallife soap van de acterende journalist. En daar windt het publiek zich dan lekker over op.