Kom dan met iets stevigs over de brug. Neem een voorbeeld aan de Britse Christmasparty's. De Britse kerstborrel is namelijk hét moment om al het gevoel voor natuurlijke beschaving te laten varen. Een ritueel van dronkenschap en obsceniteiten. Het is een borrel die je carrière kan maken of breken, afhankelijk van een al dan niet geslaagde flirt met je baas. Er kan een bonus of promotie van afhangen, als je tenminste in de smaak valt bij de partner van de directeur. Maar bovenal is het voor vrijgezelle medewerkers dé laatste kans om niet single de feestdagen door te hoeven brengen. En op zo'n avond mag rustig worden gesekst in archiefkasten, het schoonmaakhok, het kantoortje van de conciërge, of op bureaus. Yeah! Dat is me nog eens een kerstparty!
We hebben nog een paar weken te gaan. Als Flierman en zijn mannen nou eens informeren bij hun Britse collega's hoe je zo'n party prettig invult? Dan zijn wij ook niet te beroerd om ons een half uurtje te buigen over een vragenlijstje voor de nominatie van beste werkgever.
Beuk
Het was een fraai schouwspel, gisteren pal voor het Theatercafé. Krakend en kreunend ondergingen de vier noeste beukenbomen langs de Boulevard hun jaarlijkse winterklaarbehandeling. De bijl hakte er stevig in. Het regende takken. Een beetje kortwieken hier, wat afknotten daar, een stukje snoeien bovenop en klaar is de najaarslook. Of het viertal er blij mee is? Nou, dat is de vraag. De nieuwe coupe doet eerlijk gezegd best treurig aan. Niets dan lof overigens voor het professionele kapwerk, behendig aangepakt door twee ijverige groenwerkers. Eentje voor de bottom-up regie en eentje voor de top-down visie. Met een beetje over en weer geschreeuw, wat aanwijzingen van onder en wat vragen van boven liep het kapwerk als een perfect geoliede machine.
Heel andere koek dan de intentie waarmee de UT dacht te dingen naar de award voor de beste werkgever van deze regio. Die verkiezing was gisteren in de Expohal te Hengelo. De kiem voor deelname was gezaaid, de goede wil ook en de eerste initiatieven waren er. Het voornemen begon stiekem al een beetje naar ambitie te ruiken. Totdat een nauwelijks half uur durende enquête onder medewerkers roet in het eten gooide.
Niets van gemerkt, gezien of gehoord? Daar zat nou juist de crux. De plannen kregen geen enkele ruchtbaarheid. Wat restte was een gestrand, niet-vermarkt idee. De doodsteek voor een ondernemende universiteit. Een gemiste kans. De UT staat er kaal en troosteloos bij. Net als de vier stakkers voor de Vrijhof. Maar die groeien en bloeien wel weer op. Bomen houden de beuk er immers wel in. Misschien een les voor de UT? Volgend jaar dan maar?