Tenure track moet uitkomst bieden

| Redactie

Hoewel enkele faculteiten wel vooruitgang boeken om meer vrouwen aan de top te krijgen, worden de centrale streefcijfers van de UT van 2010 niet gehaald, zegt Monique Duyvestijn van PA&O nu al. Tenure tracks en een monitorsysteem tijdens sollicitatieprocedures zijn nieuwe initiatieven om het proces meer te stroomlijnen. Katia Bertoldi volgt een tenure track. Foto: Gijs van Ouwerkerk

Hoewel enkele faculteiten wel vooruitgang boeken om meer vrouwen aan de top te krijgen, worden de centrale streefcijfers van de UT van 2010 niet gehaald, zegt Monique Duyvestijn van PA&O nu al. Tenure tracks en een monitorsysteem tijdens sollicitatieprocedures zijn nieuwe initiatieven om het proces meer te stroomlijnen.

Katia Bertoldi volgt een tenure track. Foto: Gijs van Ouwerkerk
Katia Bertoldi volgt een tenure track. Foto: Gijs van Ouwerkerk

De ambitie van de UT is om in 2010 vijftien procent meer vrouwelijke hoogleraren te hebben, 25 procent meer vrouwelijke universitair hoofddocenten en 35 procent meer vrouwen van het ondersteunend- en beheerspersoneel in schaal 12 of hoger.

Dat die cijfers niet gehaald worden, kan Duyvestijn wel verklaren. `De decanen zijn er inmiddels van doordrongen dat de UT meer vrouwen aan de top wil en daar ook beleid voor maakt. Dat is de drempel niet meer. We hebben echter ook te maken met individuele hoogleraren. Zij vinden het prima dat er vrouwen worden aangesteld, maar, zo zeggen ze vaak, kwaliteit staat voorop. Wij willen ze ervan doordringen dat vrouwen óók kwaliteit zijn.'

Daarom wil het UT-ambassadeursnetwerk voor vrouwen aan de top beter inzicht in het sollicitatieproces. `We zouden graag zien hoe het wervingsproces van de faculteiten

verloopt,' zegt Duyvestijn. `Reageren er vrouwen op een vacature? Zo niet, welke actie onderneemt men om toch vrouwen te werven? En zo ja, worden ze op gesprek uitgenodigd?'

De vragenlijst ligt klaar om ingevoerd te worden al is het nu nog vrijblijvend. `Uiteindelijk willen we dat het voor elke faculteit een verplichte invuloefening wordt.'

Ook de wijze van selectie wil het ambassadeursnetwerk onder de aandacht brengen. `Kijkt de hoogleraar alleen naar het aantal publicaties en het aantal niet-gewerkte jaren door bijvoorbeeld zwangerschap? Of heeft hij ook oog voor teamwork, de inhoud en het maatschappelijk belang van onderzoek?'

Duyvestijn realiseert zich maar al te goed dat een hoogleraar voornamelijk wetenschappelijk opereert en zich nauwelijks bezighoudt met human resource zaken. `Toch willen we die vragen bij ze neerleggen. Die bewustwording is een moeizaam proces, want het geniet geen prioriteit.'

Het succes in het aannemen van meer vrouwen wisselt per faculteit, zegt Duyvestijn. Zo is de faculteit CTW volgens haar goed bezig. `Zij hadden als doelstelling dat de helft van de nieuwe UHD-ers vrouw moest zijn. Dat hebben ze gehaald. Van de zes UHD-ers zijn er drie vrouw.' Bij de faculteit Technische Natuurwetenschappen proeft Duyvestijn een grote bereidwilligheid. `Maar ze hebben een wisseling van decaan gehad en daardoor is het nog te onrustig om de plannen uit te voeren.'

Ook het fenomeen tenure track kan bijdragen aan het bereiken van de doelstellingen, denkt ze. `Bij de faculteit EWI zijn er dit collegejaar twee vrouwen begonnen met het loopbaantraject. Bij CTW ook en daar is ook nog iemand in procedure.'

Italiaanse ziet traject

als een uitdaging

De uit Italië afkomstige Katia Bertoldi (30) is een van de eerste vrouwen die zo'n tenure track volgt. Ze is sinds juni dit jaar universitair docent bij de leerstoel Multi Scale Mechanics van de faculteit CTW en hoopt na het zesjarige programma universitair hoofddocent te zijn.

`In de komende periode moet ik laten zien dat ik capabel genoeg ben om dat te worden,' vertelt Bertoldi. Daarvoor zijn allerlei vereisten in het tenureprogramma opgenomen. `Ik moet in staat zijn om colleges te geven, lessen voor te bereiden, mijn kennis over te dragen aan studenten en goed met ze kunnen communiceren.' Ook zal ze elk jaar moeten publiceren. `Duurzaam onderzoek doen is ook een criterium. Ik zal dus geld moeten binnenhalen.' In tussentijdse bijeenkomsten met een begeleidende commissie met daarin onder andere de CTW-decaan, twee externe professoren en enkele UT-hoogleraren, wordt Bertoldi drie keer in het hele traject beoordeeld. Daarnaast zullen de commissieleden haar afzonderlijk of in kleinere groepen evalueren. `Ze checken of je op de goede weg zit, sturen je bij, doen suggesties of bevestigen dat je de juiste keuzes hebt gemaakt. Ik zie het als een soort gids, al hangt het verder helemaal van mijzelf af of het gaat lukken.'

Bertoldi die een civiele technische achtergrond heeft en haar postdoc deed bij MIT in Boston (Amerika), kende het fenomeen tenure track al. `In Amerika doen ze niets anders. Daar bestaan standaard-aanstellingen helemaal niet.'

Zelf ziet ze het loopbaantraject als een kans om te groeien. `Het kost je meer energie dan een normale UD-functie, maar je hoopt er uiteindelijk iets voor terug te krijgen. Ik verwacht dat ik een mogelijkheid krijg om in een fijne werkomgeving een onderzoeksgroep neer te zetten die goed onderzoek verricht.' En wat als ze het niet haalt? `Daarover zijn geen afspraken gemaakt. Nee, geld terug betalen zal niet hoeven,' lacht ze. `Samen met de commissie zullen we dan de beste oplossing vinden. In Amerika komt deze categorie dan in het onderzoek terecht.'

Morgen is er in de Horsttoren T1300 een bijeenkomst van het Female Faculty Network Twente over Gender Management. Voor meer informatie: www.utwente.ffnt.nl


Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.