In opdracht van de Europese Unie werkt een internationaal team aan de classificatie, waarbij het zwaartepunt van het onderzoek in Enschede ligt. De eerste twee fasen zijn afgerond maar naar verwachting is de definitieve vergelijking pas over zeven jaar klaar. Het duurt zo lang, omdat veel instellingen sceptisch staan tegenover ranglijsten. `Rankings hebben een enorme impact op instellingen, want er spelen allerlei belangen mee. Daarom zijn ze wat voorzichtig geworden om mee te werken. Er moet draagvlak zijn voor de classificatie. Het moet een instrument worden, dat breed gedragen wordt', licht Frans Kaiser van CHEPS toe.
Wat ook meespeelt, is de omvang van het project. Meer dan drieduizend hoger onderwijsinstellingen in 27 Europese lidstaten moeten vragenlijsten invullen aan de hand van veertien dimensies. Daarbij wordt onder meer gekeken naar internationalisering, innovatie, onderzoeksintensiviteit, de relatie met de regio en de grootte van de instelling. In de derde fase wordt bekeken hoe de instellingen op die dimensies scoren.
Uiteindelijk moet er een classificatie komen van instellingen geordend op grootte en op wat ze te bieden hebben. `Er komt geen tophonderd van instellingen die het beste scoren op alle dimensies. Het is immers niet eerlijk een kleine hogeschool als Edith Stein in Hengelo te vergelijken met Oxford of Cambridge. Wat we willen, is de diversiteit beter in beeld brengen en laten zien op welke dimensies de instellingen de nadruk leggen', legt Kaiser uit.
De Europese database is bedoeld voor de deelnemende onderwijsinstellingen, overheden en het bedrijfsleven. Onderwijsinstellingen kunnen zich duidelijker profileren, gemakkelijker een vergelijking maken met andere instellingen en beter zien welke instellingen in aanmerking komen voor samenwerking. Van de gevestigde orde is wel bekend waar ze staan, maar instellingen in landen als Turkije of Portugal worden dankzij dit systeem ook zichtbaar. Voor studenten is de classificatie minder geschikt, omdat er naar de instellingen als geheel wordt gekeken en niet naar de specifieke opleidingen.