Stille windtunnel

| Redactie

Het aero-akoestisch onderzoek aan de faculteit CTW is een stille windtunnel rijker. Deze onderzoeksfaciliteit in de Westhorst is afgelopen maandag officieel geopend door emeritus hoogleraar Henk Tijdeman (technische mechanica) en hoogleraar technische stromingsleer Harry Hoeijmakers. Binnen kunnen windsnelheden gehaald worden tot 250 kilometer per uur. In de tunnel wordt onderzoek gedaan naar onder andere de geluidsproductie van autobanden op de weg.

Hoogleraar Mico Hirschberg (leerstoel Engineering Fluid Dynamics) toont een experiment tijdens de opening van de windtunnel.
Hoogleraar Mico Hirschberg (leerstoel Engineering Fluid Dynamics) toont een experiment tijdens de opening van de windtunnel.
(Foto: Gijs van Ouwerkerk)

De stille windtunnel verschilt van de meeste gewone windtunnels door de geluidsabsorberende ruimte. Zo kan de geluidsproductie gemeten worden zonder dat het geluid van de weerkaatsende wind tegen de wanden deze metingen verstoort. De tunnel is samen met TNO gebouwd en biedt onderzoekmogelijkheden voor het Kenniscentrum Trillingen en Geluid dat de UT in 2000 samen met TNO heeft opgericht.

Nadat emeritus hoogleraar Henk Tijdeman het lint had doorgeknipt, mocht hij direct het eerste proefje doen. In zijn proefschrift schreef hij ooit de stelling `Als het imperiaal van je auto lawaai maakt, moet je er schroefsgewijs een touwtje omwikkelen'. En inderdaad, de stelling werd bewezen. Een metalen cilinder gaf geluid in de windtunnel, met een touwtje eromheen hoorde je niets.

De stille windtunnel zal onder andere gebruikt worden voor onderzoek naar de geluidsproductie van autobanden op de weg. Harry Hoeijmakers gaf maandag alvast een voorproefje met een testopstelling. De wind blaast met tachtig kilometer per uur tegen een autoband, waarnaast microfoons zijn geplaatst die het geluid meten. `We gaan dat met een testauto op de openbare weg meten, maar voordat we dat doen willen we eerst weten wat het effect van de wind op de banden is', aldus Hoeijmakers. Ander onderzoek dat in de windtunnel gedaan zal worden, gaat onder andere over de stroming rond stompe voorwerpen en de mogelijkheden van geluidsreductie bij ventilators en windturbines.

De meetsectie van de windtunnel heeft een doorsnede van 0,9 bij 0,7 meter, de geluidabsorberende kamer daaromheen meet 6 bij 6 bij 4 meter. Voor aero-akoestisch onderzoek blijft de meetsectie open en is er dus een vrije windstraal, maar de meetruimte kan ook afgesloten worden wanneer er aerodynamische metingen moeten worden gedaan.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.