Op dit moment telt de UT volgens deze dienst, die zich baseert op cijfers van PA&O, 247 hoogleraren. Daarvan zijn er zestien bijzonder hoogleraar, wat betekent dat ze bij andere organisaties op de loonlijst staan. Nog eens 68 hoogleraren zijn onbezoldigd en worden dus evenmin door de UT betaald. Hieronder vallen echter ook de zogenaamde nulhoogleraren, veelal gepensioneerden die nog een project afronden of promovendi begeleiden. De Volkskrant heeft deze nulhoogleraren, 28 in totaal, meegenomen in de berekening van het percentage extern betaalde hoogleraren. Ook rector magnificus Henk Zijm valt onder het getal van 35 procent; hij staat nog als nulhoogleraar op papier bij de faculteit EWI.
In totaal wordt dus bijna 23 procent van de UT-hoogleraren, 40 onbezoldigde en 16 bijzonder hoogleraren, door externe partijen gefinancierd. Daarbij gaat het om grote commerciële bedrijven zoals Philips en DSM, maar ook om instellingen als de Radboudstichting. De vraag is of door deze vorm van financiering commercie en wetenschap door elkaar gaan lopen. In de Volkskrant waarschuwde Martijn Katan, lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen, voor deze belangenverstrengeling.
Volgens deeltijdhoogleraar E-Health Architectures and Standards Robert Stegwee is dit risico niet zo groot. Hij werkt één dag in de week op de UT en wordt betaald door zijn werkgever Capgemini waar hij principal consultant is op het gebied van de gezondheidszorg. `Ik zie het redelijk simpel. Het is in ieders belang dat de wetenschap en industrie vooruitgang boeken. Maar bij de financiering van een hoogleraarspost heeft de industrie geen invloed op de resultaten van onderzoek', aldus Stegwee.
`Ik zie die invloed van het bedrijfsleven veel meer bij grote onderzoeksprojecten waar ettelijke miljoenen mee gemoeid zijn', vervolgt de deeltijdhoogleraar. `Commerciële partijen willen een resultaat waar ze commercieel gezien iets mee kunnen. Als Capgemini een onderzoek zou financieren naar de effectiviteit van computergestuurde beoordeling van MRI-scans en uit dat onderzoek blijkt dat de software niet goed werkt, dan kan ik me voorstellen dat Capgemini als ontwikkelaar van die software de onderzoekers vraagt om dat niet zo naar buiten te brengen, maar het anders te verwoorden.'
Deeltijdhoogleraar Mobile Radio Communication Jaap Haartsen is het met hem eens. Haartsen wordt betaald door zijn werkgever Ericsson en wijst er op dat commercie en wetenschap al nauw verbonden zijn. `De overheid wil zelfs graag dat het bedrijfsleven investeert in onderzoek aan universiteiten. We moeten wel oppassen dat het niet teveel door elkaar gaat lopen. Het bedrijfsleven is immers vooral geïnteresseerd in toepassingen, waardoor de financiering van fundamenteel onderzoek in het gedrang kan komen.'
Voor zowel de universiteit als de financier heeft een hoogleraarspost voordelen. Het bedrijf of de stichting heeft een mooi uithangbord en heeft kortere lijntjes met studenten die de werknemers van de toekomst kunnen zijn. Voor de UT is het handig dat iemand uit het bedrijfsleven eenvoudige ingangen voor onderzoek heeft. Bovendien spreekt een hoogleraar uit het bedrijfsleven studenten erg aan, weet Stegwee. `Zij vinden het heel prettig om college te krijgen van iemand die niet alleen doceert wat er in wetenschappelijke artikelen staat, maar ook vertelt over zijn eigen praktijkervaring.'