Zo groots als het uitzicht is, zo minuscuul is de materie waar Segerink mee werkt. Met behulp van rood licht, een microscoopje en een etsvloeistof zorgt de technicus dat puntjes van dunne glasvezeldraadjes de juiste hoek krijgen. 'Dat moet op de micron nauwkeurig. De glasvezel wordt gebruikt om de lichtbundel in een elektronische microscoop op de goeie plaats te krijgen. Het licht dat door het dunne draadje loopt moet namelijk heel precies op het oppervlak van het te onderzoeken materiaal vallen.
'Of het hier boven in het gebouw niet te veel trilt en zwaait voor ons precisie werk? We hebben dat wel eens gemeten en boven in de toren constateerden we inderdaad de meeste trillingen. Hoewel het gebouw wel heel stevig is. Als het hard waait is de uitwijking nooit meer dan een paar millimeter. Best weinig voor zo'n hoog gebouw. Maar eigenlijk horen we in de kelder. Daar was alleen geen plek meer. We komen oorspronkelijk ook uit een kelder. Die van het Hogedruklab. Als we daar uit het raam keken, keken we net onder de auto's door. Dan is het uitzicht hier toch wel anders.'
![]()