Rechts-extremisten gebruiken de campus om hun gedachtegoed te normaliseren

Ook via studentenvereniging GNSV proberen rechts-extremisten hun ideeën te ‘normaliseren’, waarschuwen de AIVD en de NCTV. Om meer draagvlak te krijgen doen ze zich bewust gematigder voor dan ze zijn.

Photo by: Johannes Fiebig
De Radboud Universiteit Nijmegen, ter illustratie. Dit jaar werd de GNSV ‘om veiligheidsredenen’ van de Nijmeegse introductiemarkt geweerd.

Al in 2018 zag de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) een ‘lichte opleving’ van het rechts-extremisme. En vorig jaar vroeg de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) aandacht voor de ‘toenemende online radicalisering onder jongeren’.

Nu brengen de diensten samen een waarschuwing uit: ze zien dat rechts-extremisten zichzelf proberen te normaliseren door zich gematigder voor te doen dan ze zijn. Dat gebeurt online, bij demonstraties, via politieke partijen, maar ook op de campus van universiteiten.

In het dinsdag verschenen rapport noemen de diensten de Groot-Nederlandsche Studentenvereniging. De aanwezigheid van de GNSV op de universiteiten van Leiden en Nijmegen zorgt al jaren voor veel ophef. Ook Utrecht heeft sinds vorig jaar een afdeling. Dit jaar werd de club ‘om veiligheidsredenen’ van de Nijmeegse introductiemarkt geweerd.

Verhullend

De GNSV noemt zichzelf een conservatieve vereniging voor rechtse studenten ‘met een nationaal gevoel’. Met die boodschap heeft de vereniging ‘publiekelijk geen extremistisch profiel’, constateren de diensten. Maar in feite houden veel leden er ‘diep racistische opvattingen’ op na. Zo pleiten ze voor ‘remigratie’ van mensen met een niet-westerse migratieachtergrond.

De diensten schrijven dat de GNSV ‘zich bewust is van het belang om het gedachtegoed zo acceptabel mogelijk te presenteren om zo gematigd mogelijk over te komen’. De vereniging krijgt zo ‘ruimte op universiteitscampussen om leden te werven en activiteiten te organiseren’.

Haat en racisme

In het gedachtengoed van rechts-extremisten staan ‘witte superioriteit’ en ‘haat jegens mensen met een migratieachtergrond en andersdenkenden’ centraal. In het openbaar reppen ze echter vooral over ‘culturele verschillen’ of over bedreigingen voor de ‘Nederlandse identiteit’. Dat maakt ze naar buiten toe voor een bredere groep aanvaardbaar.

Overigens is niet iedereen die dergelijke begrippen gebruikt gelijk rechts-extremist, waarschuwen de diensten ook. In een open, democratische samenleving mag veel gezegd worden, leggen ze uit. Maar precies daarin zit ook het probleem: rechts-extremisten ‘misbruiken’ die vrijheid voor hun grotere doel, namelijk ‘de democratische rechtsorde afbreken en uiteindelijk een witte etnostaat stichten’.

Justitieminister David van Weel roept in een reactie op om de weerbaarheid in de samenleving te vergroten. ‘Het is belangrijk om de strategie van rechts-extremisten te onderkennen en hun invloed in te dammen.’ Sinds 2024 heeft de overheid een ‘nationale extremismestrategie’.

 

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.