?Stamppot? Niet zo lekker, nee?

| Redactie

Een groot feest. Dat viert postdoc Raluca Marin-Perianu als ze in de eerste week van oktober zowel de Christiaan Huygens Prijs als de Simon Stevin Gezelprijs wint. De eerste heeft de Roemeense al binnen, voor de tweede is ze genomineerd. Vijf jaar geleden kwam ze met haar echtgenoot naar Twente. Ze mist haar familie en traditionele Roemeense maaltijden als sarmale, maar besloot toch nog minimaal vier jaar in Nederland te blijven.

Heel bijzonder zou het zijn: op 7 oktober de Christiaan Huygens Prijs in ontvangst nemen en een dag later tot Simon Stevin Gezel worden gekozen. Maar ook als het bij de Huygens Prijs blijft, wordt er een feestje gebouwd, verzekert Raluca (30). De onderscheiding wordt jaarlijks aan één onderzoeker uitgereikt en de Roemeense is erg trots dat haar die eer dit jaar te beurt valt. ‘Very proud, vooral omdat deze prijs erg prestigieus is.’

Een jaar geleden promoveerde Raluca op draadloze sensornetwerken. Haar onderzoek draait om kleine devices met processor, geheugen en sensoren die draadloos met elkaar kunnen communiceren. ‘Die techniek wordt al sinds 2000 onderzocht, maar tot nu toe hoofdzakelijk in statische situaties. We leven echter in een dynamische omgeving, dan is het zinniger om sensoren te plaatsen op bewegende objecten, of op personen en dieren’, legt de postdoc uit.

Die draadloze sensoren op bewegende objecten hebben volgens Raluca vele toepassingen. In de transportsector om in de gaten te houden of rolcontainers op de juiste vrachtwagen worden geladen, om leefgemeenschappen van dieren te volgen, om auto’s in een colonne te laten rijden, of in de gezondheidszorg. ‘Mensen met een chronische longziekte moeten bijvoorbeeld veel oefeningen doen om hun ademhaling te trainen. Met sensoren kun je monitoren of patiënten die oefeningen op de juiste manier uitvoeren.’

Raluca hoopt voor dat laatste voorbeeld een nieuw product te ontwikkelen. Samen met haar professor Paul Havinga en haar echtgenoot Mihai richtte ze afgelopen jaar een spin-off op, Inertia Technology. ‘Met de sensortechnologie willen we commerciële producten ontwikkelen, te beginnen met toepassingen voor de gezondheidszorg’, aldus de Roemeense.

Na haar studie in Boekarest kwam Raluca voor een promotieplaats naar Nederland, samen met haar man. Het bedrijf is een belangrijke reden om ook de komende jaren nog te blijven. ‘Het onderzoek dat we hier doen, kunnen we niet in Roemenië doen. En voor ons bedrijf is daar geen markt. Het land is veel minder high-tech en heeft meer behoefte aan basisinvesteringen als infrastructuur.’

Raluca deelt haar kantoor op de vierde verdieping van de Zilverling met haar man, die behalve haar compagnon bij Inertia Technology ook postdoc is in dezelfde vakgroep. ‘We praten veel over het werk, ook ’s avonds en zelfs in onze vakanties. Maar we werken ook veel meer dan veertig uur per week, zeker nu we het bedrijf aan het opstarten zijn. We kunnen gelukkig heel goed samenwerken. Dat deden we in Roemenië ook al. We zaten op dezelfde middelbare school, we deden dezelfde studie en werkten daarna een jaar bij hetzelfde softwarebedrijf,’ vertelt Raluca. En dan lachend: ‘Nee, niet op dezelfde kleuterschool.’

Hoewel ze vijf jaar geleden in Nederland kwamen, spreekt Raluca de taal nog nauwelijks. ‘Nu we hebben besloten minimaal drie à vier jaar te blijven, wil ik mijn lessen weer oppikken. Met ons bedrijf moeten we ook wel. De bureaucratie is nogal groot, ik moet echt de taal leren om te kunnen begrijpen wat er gaande is.’

‘De rustige en groene omgeving waarin we hier wonen is een absoluut pluspunt ten opzichte van Boekarest’, vindt Raluca. ‘Maar,’ nuanceert ze, ‘er zijn ook mindere kanten. Het weer en het eten vooral. Roemenen zijn gewend om tussen de middag een uitgebreide lunch te bereiden; jullie eten alleen sandwiches. We gaan daarom altijd rond lunchtijd naar huis om daar te koken, al kost dat veel tijd. Ik mis de Roemeense keuken, een traditioneel gerecht als sarmale. Dat is een mengsel van vlees en rijst gewikkeld in druivenbladeren. Wat ik van een echte Hollandse maaltijd vind? Bedoel je stamppot?’, vraagt Raluca met een vies gezicht. ‘Niet zo lekker, nee.’

Een of twee keer per jaar gaan ze terug naar Roemenië. Raluca: ‘Dat is het allermoeilijkste van hier werken, we missen onze familie en vrienden. Maar vanuit professioneel oogpunt is Twente ideaal.’

Voor haar onderzoek heeft Raluca Marin-Perianu ook raceautootjes uitgerust met draadloze sensoren. Foto: Arjan Reef
Voor haar onderzoek heeft Raluca Marin-Perianu ook raceautootjes uitgerust met draadloze sensoren. Foto: Arjan Reef

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.