Fundament
Zo zullen de meeste deelnemers reageren. Maar sommige spelers hanteren een andere kansberekening. Zestig deelnemers met een verliezend lot zijn furieus, omdat niemand anders er met ‘hun’ jackpot vandoor is gegaan. Ze dienen een klacht in bij de Reclame Code Commissie. En daar moeten wij ons over buigen.
Aanvankelijk zijn we verrast over de herkomst van de klachten. Als andere loterijen zouden klagen, dan hebben ze een punt. De Staatsloterij gaat straks voor de tweede keer deelnemers lokken met grotendeels dezelfde grote pot. Da’s lastig voor de concurrentie. Maar, als gezegd, een meevaller voor de deelnemers. Althans, voor de verstandige deelnemers.
En daar zit onze denkfout. De Staatsloterij is niet bedoeld voor verstandige mensen. Het verwachte rendement is negatief. Verstandige mensen beseffen dat de Staatsloterij gewoon een vorm van belastingheffing is. Slechts 65,4% van de inleg wordt uitgekeerd. De rest gaat naar de schatkist. Als belasting op domheid.
Met grond. Als samenleving sparen we kosten noch moeite om onze bevolking enige ontwikkeling bij te brengen. Tenminste twaalf jaar onderwijs bieden wij aan. Maar als mensen koppig besluiten daar niets van op te steken, dan is dat weggegooid geld. Terecht dat we dat terughalen via een belasting op domheid. Bijvoorbeeld middels de Staatsloterij. Maar ook middels accijns op tabak.
De Staatsloterij is speciaal bedoeld voor domme mensen. Dus moet de gang van zaken ook geheel worden gefundeerd op de logica van dommerds. Daar houden we bij ons oordeel rekening mee. We geven de klagers gelijk. Zoals we elke idioot met een idiote klacht over de Staatsloterij gelijk zullen geven. Want het is van eminent belang dat juist deze idioten al hun geld blijven spenderen aan staatsloten. Of aan sigaretten.