Een op drie bezoekers stad voelt zich onveilig

| Redactie

Een derde van de bezoekers van de Enschedese binnenstad voelt zich daar vaak of geregeld onveilig. De Oude Markt, De Muur en de Noorderhagen worden als minst veilig plekken ervaren. Dat blijkt uit het onderzoek waar bestuurskundestudent Frank Leijzer (23) afgelopen week in opdracht van de gemeente op afstudeerde. Openbare dronkenschap, rommel, fietsendiefstal en overlast van jongeren en zwervers dragen het meest bij aan de onveiligheidsgevoelens.

‘De Muur’, een van de onveilige plekken in de binnenstad.
‘De Muur’, een van de onveilige plekken in de binnenstad.
(Foto: Gijs van Ouwerkerk)

Van het winkelend publiek voelt ruim 28 procent zich geregeld onveilig als ze de binnenstad bezoeken, nog eens 4 procent heeft zelfs vaak een onveilig gevoel. Bij het uitgaanspubliek liggen die cijfers nog iets hoger: bijna 32 procent voelt zich regelmatig en bijna 6 procent voelt zich vaak onveilig. Leijzer ondervroeg 331 mensen die de binnenstad bezochten om te winkelen en nog eens 570 personen die uitgingen.

Bezoekers, zowel het winkel- als uitgaanspubliek, ondervinden overlast van jongeren en zwervers op de Oude Markt, het Van Heekplein en bij De Muur. Drugsoverlast wordt vooral ervaren rond coffeeshops en kroegen. Daarnaast blijken bij vijftig procent van de bezoekers dronken mensen op straat en bij veertig procent rommel bij te dragen aan onveilig gevoel. Andere factoren die een belangrijke rol spelen, zijn volgens Leijzer fietsendiefstal, vernieling en geweld.

Naast de Oude Markt en De Muur ervaren bezoekers de Noorderhagen, de Stadsgravengracht en de verschillende steegjes in het centrum als onveilig. Leijzer denkt dat dat komt doordat ze erg donker zijn en er over het algemeen weinig toezicht is. Vooral vrouwen voelen zich in die steegjes onveilig. Opmerkelijk noemt hij het dat mensen met een niet-Nederlandse nationaliteit zich in het centrum van Enschede vaker onveilig voelen dan Nederlanders. `Je kunt niet zonder meer zeggen dat dat met discriminatie te maken heeft', aldus de bestuurskundestudent. `Onder het winkelend publiek bevinden zich namelijk ook veel Duitsers. Daarentegen is die groep bij het uitgaan weer minder vertegenwoordigd.'

De resultaten van Leijzer zijn vergelijkbaar met eerder onderzoek onder bewoners van de binnenstad. Volgens het zogenaamde WENS (Wijkveiligheid ENSchede)-rapport 2008 voelt 34 procent van de bewoners zich geregeld onveilig. Dit was, samen met de dalende criminaliteitscijfers, voor de gemeente aanleiding te onderzoeken hoe bezoekers van de binnenstad de veiligheidssituatie ervaren.

Leijzer adviseert de gemeente de zichtbare aanwezigheid van toezichthouders te vergroten. Politie zou meer te voet in plaats van in auto's moeten surveilleren. Daarnaast moeten de steegjes in de binnenstad beter worden verlicht. Bij voorkeur met witte, felle lampen. Die werken volgens Leijzer beter tegen onveiligheidsgevoelens dan de veelgebruikte gele verlichting. Andere aanbevelingen die de student doet zijn een ontmoetingsplek voor jongeren, zodat ze niet rondhangen, en een uitbreiding van de werkgroep Leefbaarheid & Veiligheid met een vertegenwoordiger van het stadsdeel Centrum en iemand van de afdeling Integratie.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.