Mesa+, het UT-onderzoeksinstituut voor nanotechnologie, wil aandeelhouder worden in spin-offbedrijfjes en andere commerciële partners. Dit zegt zakelijk directeur Cees Eijkel. 'De inbreng van Mesa+ zal louter kennis zijn', verzekert hij, 'en geen geld'.
Het is een novum op de UT: een onderzoeksinstituut dat zijn kennis wil verzilveren op de markt. Normaal gesproken publiceert een wetenschapper zijn bevindingen, en kan iedere ziel daar gratis uit putten. Vanaf nu wil Mesa+, het grootste en bekendste onderzoeksinstituut van de UT, waar mogelijk meedelen in de winst van haar kennisconsumenten.
'Mesa+ genereert geregeld kleine technische bedrijfjes', vertelt zakelijk directeur Cees Eijkel. 'Ze werden groot aan de borst van het instituut. Waren ze sterk genoeg, dan lieten we ze los. En vaak zag Mesa+ ze dan gedijen op de markt.' Dat moet zo blijven, als het aan Eijkel ligt, alleen zou hij in de toekomst een deel van de investering terug willen zien.
'Mesa+ investeert een hoop kennis en tijd in dat soort bedrijvigheid. Dat hoort ook zo, het is een academische plicht. Waarom zouden we er dan geen echte investering van maken? Voor een startende hightech-kennisonderneming zijn drie partijen nodig - drie aandeelhouders. Een financier, een ondernemer, en een wetenschapper.'
'In ons geval is Mesa+ de laatste: wij leveren kennis, en zijn dus ook aandeelhouder in de onderneming.' Eijkel heeft momenteel zeven 'business- plannen' op de plank liggen. 'De eerste gaat zeer binnenkort naar het college van bestuur. Het college moet wel eerst instemmen, want de universiteit treedt op als rechtspersoon. De UT wordt dus formeel aandeelhouder.'
En als al die bedrijfjes op de fles gaan? Gaat de UT dan ook formeel het schip in?
'Formeel wel ja', lacht Eijkel. 'Maar in de praktijk niet. Wij investeren geen kapitaal, maar kennis. Dus kan er geen geld verloren gaan. Bovendien sluiten we temporele contracten af. We brengen bijvoorbeeld maar twee jaar kennis in, en daarna houdt het op.'
Om welke zeven starters gaat het?
'Dat is nog geheim. Wel kan ik kwijt dat het gaat om zaken als glasvezelschakelingen - de zogenoemde fotonics - en om lab-on-chip-achtige toepassingen. Maar er zitten ook medische initiatieven bij.'
En hoe zit het met de academische onafhankelijkheid van de aandeelhouder?
'Daar moeten we absoluut voor waken', erkent Eijkel. 'Over commerciële activiteiten wordt verschillend gedacht aan deze universiteit. Waar het om gaat, is dat je onafhankelijkheid waarborgt. Daarvoor hebben we experts in huis gehaald. Het zijn erg transparante, duidelijke plannen.'
Volgens Eijkel is het idee in academisch Nederland allerminst een novum. 'De universiteiten van Utrecht, Leiden en Groningen hebben onderzoeksinstituten die soortgelijke constructies hanteren.' Om state of the art-onderzoek te kunnen blijven doen, kan marktparticipatie in de toekomst wel eens doorslaggevend worden, vermoedt Eijkel. 'Onderzoek is duur. En de overheid zal steeds minder vaak zeggen: hier heb je een zak met geld.'
Deze week gebeurde dat nog wel. Stichting Technische Wetenschappen (STW) kende, bij monde van Economische Zaken, Mesa+ 3,5 miljoen gulden toe, ten behoeve van de infrastructuur. Eijkel: 'Ja, dat is mooi. Dat betekent dat Den Haag vindt dat we lekker bezig zijn. Enne... beter drieënhalf miljoen in de hand, dan honderd in de lucht. Zo is het ook nog eens een keer.'