De benoeming van Van Rossum tot decaan van BSK en die van Wallinga tot decaan van INF vielen niet in goede aarde bij de faculteiten. De raden benadrukken dat het niet gaat om de persoon van de decaan, maar om de procedure die is gevolgd. BSK en INF hadden liever zelf een waarnemend decaan naar voren geschoven. Inmiddels lopen de procedures voor de benoeming van nieuwe decanen, maar dat kan wel zes of zeven maanden duren. Ook de faculteit CT rekent op een waarnemend decaan. Van der Linden neemt per 1 maart afscheid en er is nog geen nieuwe naam bekend. En dat terwijl de huidige decaan daar bij het college op aangedrongen heeft, aldus de faculteitsraad. De U-raad zegde toe het college te zullen vragen waarom er inzake de benoemingen geen open overleg is gevoerd.
Het onderwerp 'clustering van faculteiten' doet veel stof binnen de universiteit opwaaien. Het college heeft WMW en TO opdracht gegeven de fusiebesprekingen te hervatten, BSK en TBK worden net als INF en EL in elkaars armen gedreven en TW moet een plaatsje in de nieuwe faculteit CTW zien te vinden. TN en EL hebben hun ondersteunende diensten al lang geleden samengevoegd, maar de benoeming van de EL-decaan bij INF brengt een ICT-faculteit naderbij. De EL-faculteitsraad vreest voor een splitsing van de faculteit. De harde techniek zou in genoemd scenario naar het technische cluster gaan, de rest naar de ICT-faculteit. Aldus kort samengevat het ongenoegen van de respectievelijke raden.
De raden gaven aan niet op voorhand tegen clustering te zijn maar eerst de echte voordelen daarvan te willen zien. De U-raad neemt dat standpunt over. 'Er is een bepaald patroon zichtbaar', zegt voorzitter Dick Meijer. 'We vragen ons af of het CvB van plan is om alsnog tot systematische clustervorming te komen.' Ook vindt de U-raad dat de clustering geen doel op zichzelf moet zijn.
Meijer vertelt voorts dat de U-raad akkoord gaat met de afgeslankte minor van veertien punten (zie UT-nieuws van 18 januari 2001, red.). 'Dit compromis is het best mogelijke. We moeten de gelederen sluiten', zegt Meijer. 'Maar we vinden dat we naar buiten toe dan ook niet meer moeten spreken van een paradigmashift.' De faculteitsraden verschillen overigens van mening wat betreft de kleinere minor. Het blijkt van de curricula af te hangen of de veertienpuntsminor gunstig of ongunstig uitpakt.
De U-raad wil volgende week met het college ook nog over de drie nieuwe opleidingen spreken. De raad moet er nog mee instemmen en vindt de reactie van het college op de opleidingen te voorbarig.