Hoelang zal het duren voordat de Student Union een bestuur is als alle studentenbesturen? Drie jaar? Vijf jaar? Tien jaar? In een 'normaal' bestuur zitten ieder jaar verse studenten die vrijwel hetzelfde doen als hun voorgangers. Ze organiseren congressen en feesten, sturen de vaste commissies aan, en passen op de winkel.
Een winkel die in sommige gevallen dertig jaar geleden werd ingericht. 'Het wiel is al uitgevonden', knikt Björn Prevaas. Mark de Jonge: 'Als bestuurder trek je het rad nog een keer helemaal rond.' Ze weten waarover ze het hebben. De Jonge zat in het bestuur van Fact, Prevaas 'deed' Sirius.
Wat maakt de Union anders?
De Jonge: 'Alles wat je doet is nieuw.'
Prevaas: 'Er zijn geen routineklussen.'
De Jonge: 'Je bent een jaar keihard bezig met dingen die nog niet bestaan. Maak van een braakliggend terrein een speeltuin voor studenten, dat was zo ongeveer de opdracht.'
En, zijn jullie er een beetje uitgekomen?
Prevaas: 'We hebben het strategisch plan afgerond. De UTake is omgebouwd tot een Union Shop die bestierd wordt door een club van twintig studenten. Er komt een busjeshuurfaciliteit voor alle verenigingen. Er zitten andere gezamelijke inkoopprojecten aan te komen.'
De Jonge: 'De verbouwing van de Bastille staat op de rails. Studentbestuurders volgen trainingen via de Union. We staan op de kaart bij het bedrijfsleven.'
Dat zijn tastbare resultaten. Ze hebben jullie tot tranen geroerd?
Prevaas, lachend: 'Die resultaten op zichzelf niet. Het hele bestuursjaar wel. Ik heb nog nooit zo intensief in zo'n hecht team zulke opwindende dingen gedaan. Afscheid nemen kan dan erg roerend zijn.'
De Jonge: 'De sfeer was onderling ongelofelijk goed. Je stelt jezelf een jaar lang tamelijk kwetsbaar op. Niemand van ons wist hoe het schip zou varen, de buitenwacht moest het allemaal nog maar eens zien. En toch voelden we allemaal: "Yes, dit is ontzettend de moeite waard."
Prevaas: 'Het afgelopen half jaar was sowieso indrukwekkend. We gingen van zes bestuurders terug naar vier. Dat was ongelofelijk aanpoten. Werkdagen van tien uur waren eerder regel dan uitzondering.'
De Jonge: 'En toen werd Frits Lagendijk ziek. Die hebben we enorm gemist. Als hoofd van Disc heeft hij ons altijd enorm gestimuleerd. Het was een bewogen tijd. Zo'n bestuursjaar doet wel iets met je.'
Wat precies?
De Jonge: 'Het klinkt als een cliché, maar je leert jezelf kennen.'
Prevaas: 'Van binnen en van buiten.'
De Jonge: 'Je komt erachter wat je straks, in het echte leven, wil en wat je niet wil.'
Prevaas: 'En wat je kan en niet kan.'
Wat wil jij later niet, Mark?
'O, dat is simpel. Ik wil later nooit met mensen aan de slag die ongemotiveerd zijn. Dat heeft me wel eens gefrustreerd. Je werkt met externen aan een project en tijdens de volgende bijeenkomst merk je dat je partners geen zak hebben uitgevoerd. Daar kan ik niet zo goed tegen, geloof ik. Er samen voor gaan, dat is voor mij een voorwaarde geworden.'
Prevaas, nuancerend: 'Dat heb ik ook het liefste. Maar ik heb wel geleerd dat je je ook moet kunnen verplaatsen in mensen die wat minder hard staan te springen. Als je midden in zo'n bestuur zit, kost dat wel eens moeite. Ook daar moet je mee leren omgaan.'
En Björn, wat kun jij wat je voor de Union niet kon?
'Toch wel een hele hoop. Ik noem de omgang met mensen en partijen. Je zit aan tafel met een dwarsdoorsnede van deze universiteit. Dat gaat van Roel Pieper tot en met Diny van de Stek. Erg leerzaam. Ook het politieke spelletje krijg je aardig door.'
En met de centrale verwarming is het intussen dik in orde?
De Jonge: 'Dat cv interesseert me niks, echt niet. Daarvoor moet je niet in het Unionbestuur gaan.'
Prevaas: 'Een cv-jager valt hier onmiddellijk door de mand. Daar moet je veel te hard voor werken.'
![]()
Mark (links) en Björn: ...geen gewoon jaar...