Uit het lood

| Redactie

Zijn officiële naam luidt musca domestica. Maar wij noemen hem vlieg. En dat is gek. Van al die duizenden insecten, vlinders en vogels die vliegen, wordt juist de vlieg vlieg genoemd. In Duitsland en Engeland is het al niet anders. Het lijkt alsof we werkelijk niets anders van de vlieg weten dan dat hij vliegt. Terwijl de vlieg nou juist helemaal niet zo'n grote vlieger is. Nee, zijn kenmerkendste eigenschap is zijn aanwezigheid. De vlieg is overal en altijd.

Vlieg

Overal. Op de boerderij van mijn ouders, daar hoorde hij. Daar was stront. Net als elders op het platteland. Maar de vlieg is ook in de stad. In het restaurant en in het ziekenhuis. In Azië en Zuid-Amerika. Beneden zeeniveau en hoog boven de boomgrens. Ja, toen ik afgelopen week na vele touwlengtes bovenop de Salbit kwam, trof ik daar niets dan steen. Hard marmer. Een snerpende koude wind. En een zwerm vliegen. Ze hadden ons al verwacht.

Altijd. 's Ochtends bij het ontbijt zit hij op je brood. 's Middags bij de lunch zit hij op je boterhammen. 's Avonds bij het diner zit hij op je broodje. Tot diep in de nacht kriebelt hij op de arm die jij rond je geliefde slaat. En hoe vroeg je 's ochtends ook weer uit de veren gaat, de vlieg zal je weer voor zijn. Het lijkt alsof hij nooit slaapt. Of hij werkt in ploegendienst. Daar ben ik nog niet uit. Ja zeker, het altijd van de vlieg eindigt als het seizoen is afgelopen. Maar daarmee is het nog niet echt voorbij. Een volgend seizoen begint het hele verhaal weer overnieuw. Met nieuwe vliegen.

De vlieg doet denken aan de eerstejaars. Er zijn in feite vele soorten eerstejaars. Je hebt eerstejaars conducteurs, eerstejaars verplegers, eerstejaars autorijders, eerstejaars skaters, eerstejaars ouders, eerstejaars kinderen en ga maar door. Maar alleen de eerstejaars student wordt eerstejaars genoemd. Terwijl die eerstejaars toch ook meer dan uitsluitend eerstejaars is. Veel meer dan dat. En in de eerste plaats ook weer aanwezig.

In het ouderlijk huis, daar hoort hij thuis. Maar de eerstejaars zit overal. In Azië en Zuid-Amerika. Tweemaal kon mijn vliegtuig niet opstijgen, omdat een aantal passagiers weigerde plaats te nemen. Beide malen betrof het eerstejaars. Kom je na uren moeizaam klauteren bovenop de bergtop, dan lachen de eerstejaars je daar hoentjesfris tegemoet. En sla je beneden in het dal je arm rond je vakantieliefde, dan blijkt ook zij een eerstejaars. Nog maar even hoor, vergoelijkt ze. In het nieuwe studiejaar zal zij geen eerstejaars meer zijn. Nee, zij niet. Maar in het nieuwe studiejaar begint het hele verhaal weer overnieuw. Met een nieuwe lichting eerstejaars. Ach schat, wil je me even de vliegenmepper aanreiken.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.