UReka heeft, zoals terecht werd aangegeven, een uitgesproken visie op medezeggenschap. Wij zijn van mening dat medezeggenschap alleen zinvol is als anderen er wat aan hebben. Dat betekent niet alleen op papier kritisch zijn, om vervolgens over je heen te laten lopen. Dat past een kritisch medezeggenschapsorgaan niet. Daardoor bereik je immers niets en raak je zelf alleen maar gefrustreerd. Ons inziens heeft UReka laten zien dat je met een iets andere insteek in de medezeggenschap wel dingen kunt bereiken. Een recent voorbeeld:
Het college van bestuur legt de universiteitsraad een overgangsregeling voor de afstudeersteun voor. Deze moet een brugfunctie vervullen tussen de huidige regeling afstudeersteun en de nieuwe regeling (die volgend jaar van kracht moet worden). Via de Student Union wordt vervolgens een bijeenkomst met alle studentenorganisaties georganiseerd, die zich na overleg unaniem tegen het voorstel uitspreken. De raadsfractie van UReka, die aanvankelijk wel positief tegenover het voorstel stond, heeft er vervolgens binnen de universiteitsraad voor gepleit niet in te stemmen met de voorliggende overgangsregeling.
Het voorstel is afgelopen dinsdag dan ook linea recta in de prullenbak verdwenen. Overigens zonder frustratie bij de overlegpartners. Continu zijn het college van bestuur, DiSC en de WAR betrokken geweest bij deze discussie. Dit heeft begrip gekweekt voor het standpunt van onze achterban, in dit geval de actieve student. En dat resulteert nu in een door UReka opgestelde variant op de oorspronkelijke regeling, die spoedig als initiatiefvoorstel aan de universiteitsraad en het CvB wordt voorgelegd. Dat is inderdaad meebesturen. Maar het is ook met een kritische blik naar dingen kijken en waar nodig zorgen voor een betere variant.
Een goed medezeggenschapsorgaan zegt iets op een moment dat er iets te zeggen valt en het ook zin heeft om iets te zeggen. Dat betekent ons inziens dat zij een plaats in het proces van beleidsvorming moet hebben. En niet een stukje formaliteit moet zijn wat achteraf ook nog iets moet zeggen. Dat - zeg maar - praat om te praten. Kritisch zijn is een must voor goed medezeggenschap. Maar ook tact is onontbeerlijk. En daar ontbreekt het sommigen nog wel eens aan.
Namens UReka, Frank Weijnen