Vierde geldstroom
Vandaar dat wij zo verguld zijn met de faculteit Construerende Technische Wetenschappen. Om misverstanden te voorkomen: we doelen niet op de voorgenomen fusie tussen Werktuigbouwkunde en Civiele Technologie & Management, maar op de september vorig jaar geopende fietsenwerkplaats tegenover het hogedruklaboratorium (ook wel: de Klapperij).
Welnu, vrienden van het ijzeren ros: onze fietsenwerkplaats is een oase binnen de oase die campus heet, het is een vrijplaats voor onbaatzuchtig onderzoek. Terwijl het college van bestuur de Drienerlose landerijen verpatst aan het groot-kapitaal (inhaken en zingen: 'Het enige park is een business park, want op de markt is je proefschrift een daalder waard'), zoeken de wetenschappers van de werkplaats nog gewoon voor gratis naar de waarheid.
Laatst was onze fiets gestolen, dus wij naar Construerende Technische Wetenschappen, of ze nog een tweedehands afstudeerprojectje hadden staan. De dienstdoende aio dook in zijn lab en keerde als een speer(punt) weerom met een keurige racefiets van het merk Ralleigh. De billen van de Kneet stonden nog in het zadel, zullen we maar zeggen. Prima fietsje dus.
Op de vrije markt kost zo'n occasionnetje al snel drie meier. Onze fietsenmaker in opleiding hoefde er maar 75 guldentjes voor te hebben. Had-ie 'm namelijk ook voor ingekocht. (eerbiedige stilte)
Kijk, zo kan het dus ook. 'Meneer, wij repareren uw fiets niet om u een poot uit te draaien, maar omdat-ie stuk is.' Vierdegeldstroomonderzoek, daar houden wij van.
Bestuurders
'Vrouwe, je kunt beter kippe houwe', aldus de buurman terwijl hij monter de sportvelgen van zijn Opel Kadett GSI voor de tweede keer deze week met een zacht doekje schoonmaakt. 's Morgens vroeg om kwart voor acht. Terwijl jij net wakker genoeg bent om de container buiten te zetten.
'Wat zeg je?', vraagt de buurvrouw die net aan komt lopen. Ze werken allebei in dezelfde fabriek. Hij in de productie, zij op kantoor. En ze rijden dus samen naar de zaak.
'Dat de velgjes weer netjes glimmen, schat. Je collegaatjes kunnen jaloers zijn. Dat jij een man hebt die z'n auto zo goed onderhoudt' De buurvrouw neemt gedwee glimlachend plaats in de kuipstoel naast het sportstuur. Waarna de buurman tegen jou: 'Verschrikkelijk zo lang zij 's morgens vroeg aan het poederen, tutten en plamuren is. In die tijd kan ik deze wagen drie keer in de was zetten.'
De buurman rijdt weg en jij pakt de krant. Daarin lees je dat dertig vrouwelijke universitair docenten van NWO de kans krijgen om universitair hoofddocent te worden. Ze hoeven er alleen maar een onderzoeksvoorstel voor in te dienen. Mooi, denk je in eerste instantie, eindelijk een goed stimuleringsbeleid om vrouwen ook wetenschappelijk hogerop te helpen. Maar op de fiets richting campus komt de twijfel.
Dertig plaatsen? Dat zijn er gemiddeld twee per universiteit. Vergeleken met die duizenden UHD'ers die er in Nederland rondlopen schiet dat niet echt op. Dertig per universiteit, dat zou pas helpen! En hoezo alleen maarUHD's? Moeten er niet ook veel meer vrouwelijke hoogleraren komen?
Academische bestuurders zijn al net als bestuurders van sportauto's. Door een miniem deeltje van hun heilige koe voorzichtig op te poetsen denken ze dat ze hun vrouwen een plezier doen. En het met leder beklede sportstuur geven de macho's al helemaal nooit uit handen.