Studeren is verdienen

| Redactie

In UT-Nieuws van 16 december 1999 is een reeks stukjes gepubliceerd onder de noemer 'Volgende eeuw'. UT-mensen gaven daarin hun voorspelling over UT-activiteiten in de komende decennia. Van een van de artikelen is de foute versie afgedrukt. Het betreft de mening van Joke Oosterhuis. De goede versie staat hieronder, met excuus aan de betrokken UT-medewerker. 'In de toekomst van het onderwijs zullen

In UT-Nieuws van 16 december 1999 is een reeks stukjes gepubliceerd onder de noemer 'Volgende eeuw'. UT-mensen gaven daarin hun voorspelling over UT-activiteiten in de komende decennia. Van een van de artikelen is de foute versie afgedrukt. Het betreft de mening van Joke Oosterhuis. De goede versie staat hieronder, met excuus aan de betrokken UT-medewerker.

'In de toekomst van het onderwijs zullen de toename van ICT en projectonderwijs elkaar in evenwicht houden', aldus dr. J. Oosterhuis-Geers, voormalig mederwerkster van het Onderwijskundig Centrum en sinds kort opleidingsonderwijskundige van Telematica. ICT zal vaker ingezet worden om te communiceren op afstand met het beroepenveld en geïntegreerd worden in projectonderwijs. Studenten zullen snel leren om in een professionele omgeving te functioneren. Naast het werken op afstand met ICT, werken ze in projectteams met levensechte opdrachtgevers. Een setting waarin zij hun eigen professionele identiteit kunnen ontwikkelen. '

Bij projectonderwijsworden vaak nadelen genoemd. Het zou vooral veel tijd kosten om naast het uitvoeren van het project ook nog de theorie van een vakgebied te leren. Oosterhuis nuanceert dit: 'Vroeger moest je vooral veel kennis tot je nemen. Boeken waren schaars, dus het was moeilijk om aan informatie te komen. Men wilde alles onthouden wat men las. Tegenwoordig is er een enorme hoeveelheid informatie beschikbaar. Het is nu belangrijker te leren, waar informatie vandaan te halen. Hoe kun je snel de kwaliteit van die informatie beoordelen (is het gedegen kennis of ruis) en hoe moet je die gebruiken.'

Oosterhuis: 'Mijn ideaalbeeld? Daarin worden studenten veel meer geïntegreerd in de faculteit. Zij zijn de super-junioren die hun eigen weg uitstippelen. De docent functioneert daarbij als coach. Dat is de expert die de student adviseert bij het formuleren van eigen leerdoelen. Daarbij worden individuele wensen van de student en de vraag op de arbeidsmarkt op elkaar afgestemd. De coach kan ook aangeven hoe de leerdoelen effectief en efficiÙnt te bereiken zijn en welke hulpmiddelen (web-based onderwijs of projecten) daarbij passen. Docenten zijn ook meer onderwijsontwikkelaars dan onderwijsgevers geworden. Zij ontwerpen projecten waar studenten van meet af aan een soort onderzoekers zijn, die in teams opdrachten voor het bedrijfsleven of de faculteit uitvoeren. Door de theorie te gebruiken bij het oplossen van problemen wordt duidelijk wat de meerwaarde van de theorie is. Academische kennis, vaardigheden en houding gaan zo hand in hand.'

Oosterhuis: 'Een stap verder in de toekomst en de student wordt wellicht beschouwd als een tijdelijke arbeidskracht van de UT. De universiteit krijgt het beurzengeld en betaalt mede daaruit de super-junior medewerk(st)er.'

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.