Het deze maand al te starten project omvat het opzetten van een kennisnetwerk, het uitwerken van handleidingen over het Nederlandse `model', trainingsmogelijkheden voor wetenschapswinkelcoördinatoren en het organiseren van een internationale conferentie in Brussel over het thema `science shops'.
Aan het project wordt deelgenomen door dertig winkels waaronder de Wetenschapswinkel van de UT. Er zijn tevens acht buitenlandse partners formeel bij het project betrokken, uit Denemarken, Noord-Ierland, Oostenrijk, Duitsland en de niet-EU-landen Israël, Roemenië, Zuid-Afrika en de Verenigde Staten. Informeel werken ook een Engelse en Canadese partner mee. Gezamenlijk zullen zij de grondslag leggen voor een groter internationaal netwerk van wetenschapswinkels dat in 2001 met verdere EU subsidie van start moet gaan.
Coördinator Dick Schlüter van de Wetenschapswinkel UT: 'De laatste jaren is er veel buitenlandse interesse ontstaan in de Nederlandse wetenschapswinkelmethode. Onder verschillende namen zijn soortgelijke instituten elders opgezet, gebaseerd op het Nederlandse voorbeeld. Uitgangspunten en doelen van deze instituten zijn in de regel vergelijkbaar; in werkwijze en organisatie zijn sociale en culturele verschillen aanwezig. Met de toekenning van de subsidie geeft de EU ons een steun in de rug en onderstrepen zij het belang van de winkels als maatschappelijke dienstverleners.'