Nederland is één na laatste op de wereldranglijst wanneer het gaat om het aantal vrouwelijke hoogleraren. En van alle universiteiten in de polder scoort de UT weer het slechtst. Uit landelijke cijfers blijkt dat 5 procent van de hoogleraren en 8 procent van de universitair hoofddocenten vrouw is. Op de campus vervullen slechts 4 vrouwen een dergelijke functie. Tegen 210 mannen. Dat is dus nog geen 2 procent. Ook het aantal vrouwelijke UD'ers (13 procent) ligt lager dan het landelijke gemiddelde (20 procent).
Om de verhouding tussen mannen en vrouwen enigszins recht te trekken stemde het college van bestuur vorige week in met de nota Instroom en doorstroom van vrouwen in hogere functies. In het rapport staan maatregelen die de diversiteit van het personeelsbestand op de UT moet vergroten. Zo moeten tijdens sollicitatieprocedures vrouwen bevoordeeld worden ten opzichte van mannen. Dat kan door álle vrouwen die een goede brief en cv opsturen uit te nodigen voor een sollicitatiegesprek. Bovendien dient er in iedere selectiecommissie altijd tenminste één vrouwelijke wetenschapper te zitten. Ook zouden zogenaamde 'vrouwvriendelijke' criteria tijdens de selectie een belangrijker rol moeten spelen. Het CvB gaat daarnaast het werken in deeltijd of het hebben van een duobaan actief stimuleren.