Draadloos webbased leren en werken heeft volgens de werkgroep Wireless Campus de toekomst. Studenten en medewerkers van de UT moeten over niet al te lange tijd vanaf elke plek op de campus aan het onderwijs- en onderzoeksproces deel kunnen nemen. De toegang tot Internet, mailbox of C@mpus+ (de digitale leeromgeving van de UT) is dan niet meer locatie- maar persoonsgebonden.
Volgens de werkgroep - die bestaat uit de UT-medewerkers Apers (Informatica), Koppen (CIV), Lagemaat (CTIT), Roosendaal (Dinkel) en Van Tongeren (Beleidsbureau) - is de draadloze communicatietechnologie een 'autonome ontwikkeling waar de UT zich op moeten voorbereiden.' Met pilotprojecten die het gebruik in het onderwijs combineren met onderzoek naar dat gebruik, kan de UT zich ook in de toekomst als dé ICT-universiteit van Nederland blijven profileren, aldus het advies van de club.
Als iedere student een palmtop heeft kunnen opdrachtjes voor een vak als programmeren in de collegezaal uitgevoerd worden, noemt het rapport als een van de verworvenheden van draadloze computerverbindingen. De studenten kunnen hun oplossing direct naar de docent zenden, die er meteen twee of drie uitpikt om klassikaal te bespreken.
Draadloze toepassingen zijn volgens het rapport van de werkgroep overigens nog niet helemaal probleemloos. Vooral de snelheid en de hoeveelheid informatie die door de ether verzonden kan worden is beperkt. De kabel blijft voorlopig nog minstens duizend keer vlugger. Zo kun je met een draadloze palmtop-computer al wel redelijk efficiënt e-mailen, maar nog lang niet snel en handig over Internet surfen.
Zorgvuldig geselecteerde groepen studenten en medewerkers gaan vanaf augustus in kleinschalige projecten de allernieuwste wireless-technologie testen. In 2001 worden de resultaten geëvalueerd en waar mogelijk ook gepubliceerd in wetenschappelijke tijdschriften. Begin 2002 kan dan de campusbrede invoering beginnen. Of alle studenten dan een palmtop of laptop van de UT krijgen is nog niet bekend.
Voor de komende drie jaar moet de UT volgens de werkgroep een projectmanager aanstellen. Die gaat samen met het Dinkel-instituut, de faculteit Informatica, het CTIT en ICT-bedrijven de pilots opzetten.