Door de aanwezigheid van grote hoeveelheden van deze pseudo-koninginnen raakt het complete bijenvolk in anarchie, waardoor het voortbestaan van de colonies in gevaar komt. Dit blijkt uit onderzoek van entomologen van Wageningen Universiteit dat donderdag 13 april werd gepubliceerd in Nature.
De vondst biedt mogelijk een verklaring waarom de Kaapse honingbijen, die in het verleden gerekend werden tot de bedreigde diersoorten, zich nu noordwaarts verspreiden ten koste van de Afrikaanse honingbij. Het is voor het eerst dat bij bijen een vorm van parasitaire broedzorg is gevonden.
Bijen staan bekend als sociale insecten, die een unieke vorm van samenleving kennen. Bij de meeste honingbijen bestaat een volk voornamelijk uit werksters die ontstaan uit onbevruchte (haploïde) eitjes van de koningin. Deze verwantschap met de koningin verklaart tevens waarom de werksters zo 'onbaatzuchtig' het nageslacht van de koningin verzorgen. Een nieuwe koningin ontstaat als een larve zeer speciaal voedsel krijgt toegediend door de werksters: de zogenaamde koninginnegelei.
Bij de Kaapse honingbij (Apis mellifera capensis) is er sprake van een andere vorm van voortplanting: de werksters produceren maagdelijk (diplode) eitjes, die zich - afhankelijk van het aangeboden voedsel - ontwikkelen tot werkster of koningin. Tot voor kort werd gedacht dat de Kaapse honingbij op de rand van uitsterven stond, maar sinds een aantal jaren maakt de bij een opmerkelijke opmars naar noordelijke delen van Zuid-Afrika, waarbij het bijenvolken van de Afrikaanse honingbij (Apis mellifera scutellata) koloniseert.