Probeer allereerst eens aan de hand van een groot onderwerp, de daling van het studentenactivisme bijvoorbeeld, uit te leggen wat de rol van jullie organisatie is.
Harting stelt dat de taak van de SRD een aanzwengelend karakter heeft. Door haar onafhankelijke positie is de vakbond in staat kritisch te zijn en 'dingen' op de agenda te krijgen. De SRD was de organisatie die een notitie schreef en zó de activismeproblematiek op de agenda kreeg. Heuseveldt reageert hierop: 'De Union probeert juist geen dikke notities te schrijven, maar met maatregelen naar een oplossing toe te werken.'
Zoals?
Heuseveldt: 'Er zijn veel knelpunten binnen het onderwijs. Studenten worden overstelpt met informatie en zien door de bomen het bos niet meer. De informatievoorziening is niet goed. Ze moeten veel beter weten wat de maatregelen zijn, welke mogelijkheden ze hebben en waar ze terechtkunnen.' Van der Bijl sluit zich hierbij aan, maar tekent er bij aan: 'We zijn als CSR -overigens net als de SRD- meer gericht op onderwijs. Zo kijken we niet alleen naar de informatievoorziening, maar ook naar de herziening van curricula en major-minor. Veel activismeproblemen hebben te maken met de flexibiliteit van het onderwijs. Daar kijken wij juist weer naar.'
Is dat dan het kenmerkende verschil tussen de drie organisaties?
Heuseveldt: 'Ik denk dat we alledrie verschillende kanalen gebruiken. De CSR werkt meer vanuit formele relaties, de SRD via het onderhouden van contacten met de faculteiten, en wij, als Student Union, staan meer in overleg met de verenigingen. Daarom houdt bijvoorbeeld de SRD zich ook meer met het onderwijs bezig. Zij hebben daarvoor de kennis en de ingangen, dus dat is ook logisch.' Harting voegt eraan toe dat het ook een belangrijk verschil is dat de drieorganisaties een andere achtergrond hebben. De CSR is ingesteld door de wetgever, de Union is een stichting ingesteld door het CvB en de SRD is een vereniging opgericht door studenten die daar de noodzaak toe voelden.'
Harting stelt dat dit bepalend is voor de positie van de grote studentenorganisaties: 'Doordat we een vereniging zijn, door studenten zelf opgericht, zijn we onafhankelijk en nemen daardoor veel sneller een kritische houding aan. De meningen van de CSR en de Union zijn meer gemiddeld.'
Heuseveldt stelt dat dit slechts gedeeltelijk waar is. Niet voor niets is er bij de Union voor een stichting gekozen: 'We zijn onafhankelijk van het CvB. We hebben vanuit het CvB, dat is waar, bepaalde bevoegdheden gekregen, maar binnen die bevoegdheden bepalen wij welke kant we op gaan.'
Voor de CSR is de positiebepaling ingewikkelder. Als CSR vertegenwoordig je alle studenten, en binnen de raad zijn er vervolgens weer verschillende partijen. Van der Bijl: 'Als studenten al een idee hebben van wat de CSR doet, denken ze dat we de hele dag aan het vergaderen zijn. Het is ontzettend moeilijk voor ons om duidelijk te maken waar we nu precies mee bezig zijn.'
Heuseveldt: 'Mij lijkt het moeilijk dat jullie altijd met die politieke spelletjes te maken hebben. Wij kunnen redelijk onze gang gaan en in principe mensen op de tenen trappen als wij dit in het belang van de student vinden. Bij jullie ben je toch veel meer verstrikt in een bepaald spel.'
Zou het ooit zo kunnen zijn dat er een soort superkoepel waarbinnen CSR en SRD onder de Union vallen?
Van der Bijl: 'Als je de formele lijnen verandert zou dat zomaar kunnen. Echter door de historische bagage die je meeneemt en de formele lijnen die je hebt, is het juist belangrijk je van elkaar te onderscheiden. Ik denk niet dat de superkoepel er ooit komt, omdat dat teveel belangenverstrengeling op zou leveren. Je kan niet met het CvB overleggen en tegelijk heel erg kritisch zijn.'
Als jullie een week rector magnificus zouden mogen zijn, wat zouden jullie dan veranderen?
Van der Bijl: 'Ik zou onderzoeken hoe je als rector communiceert met de andere leden van het college van bestuur en of daar misschien een andere vorm voor moeten komen.' Harting zou de vergaderingen van de decanen met het CvB openbaar maken, omdat ze het gevoel heeft dat daar veel dingen 'onderhands bekonkeld' worden, waar niets over wordt vastgelegd.
Heuseveldt zou studenten in het College van Bestuur zetten, omdat deze 'een hele verfrissende, directe input geven.'
Hoe representatief zijn jullie als actieve studenten eigenlijk voor degehele UT-populatie?
Van der Bijl: 'Ik persoonlijk ben niet representatief, maar wel door de mensen die ik ken en met wie ik omga. Ik denk wel dat ik een redelijk beeld heb van de normale student.' Heuseveldt merkt op dat zij soms te idealistisch is, omdat zij bijvoorbeeld wil dat iedereen actief is naast zijn studie. Dit acht zij echter geen haalbare zaak. Harting voegt hieraan toe: 'Representatief zijn is ook niet het doel. Je wilt een betere wereld in het algemeen en een betere universiteit in het bijzonder, en dat doe je op een manier waarvan jij denkt dat die goed is voor studenten.'
Heuseveldt gaat vervolgens in op de legitimiteit van de CSR vergeleken met die van de Union: 'Als minpunt van de Union wordt vaak aangedragen dat het bestuur niet democratisch gekozen is, maar wij worden wel gedragen door de input van de verenigingen en de structuur van de Union. Bij de laatste verkiezingen voor de CSR is maar 10% gaan stemmen. Hoe legitiem kan dat nog genoemd worden? Van der Bijl: 'Dat is juist de 10% die het nog interesseert, de rest kan het niet schelen.' Heuseveldt: 'Maar dit ruikt dan toch juist naar vriendjespolitiek en niet naar democratie?' Harting: 'Het gebrek aan mensen op de lijsten is niet eens het grootste probleem. Belangrijker is nog dat de programma's van de partijen zo weinig van elkaar verschillen. Op die manier valt er niet eens wat te kiezen!'
Als je elkaar tot slot een tip mag geven, wat zou het dan zijn?
Harting aan de CSR: 'Nooit meer gedeeld.' Heuseveldt aan de SRD: 'Probeer te kijken naar de gemeenschappelijke doelstellingen. Samen en niet tegen.' Tot slot Van der Bijl aan de Union: 'Zorg voor duidelijkheid richting de achterban, maak duidelijk wat de Union is.'
Arjan van der Bijl
Renate Heuseveldt
Lisette Harting
![]()
![]()