'Verschoolsing valt mee, niveau is gestegen'

| Redactie

De discussie rondom de vermeende verschoolsing van de universiteiten brandt weer in alle hevigheid. Studeerbaarheid zou resulteren in een verlaging van het niveau omdat universiteiten de gewenste rendementen koste wat kost willen halen. Studenten zouden louter leren reproduceren en de diepgang in hun vakgebied missen. Zorgwekkend, of valt het allemaal mee? Een gesprek met coördinator Internationalisering bij het Dinkel-Instituut Kees Ruijter.

Ruijter stelt vast dat het niveau van de universiteit in elk geval niet omlaag is gegaan, vergeleken met vroeger. Rekenapparatuur, kopieerapparaten en simulatiepakketten zorgen ervoor dat het niveau juist forts omhoog ging. Immers, tegenwoordig is de zelfstudietijd veel productiever en kan in dezelfde tijd een beter gevoel voor de complexe werkelijkheid worden verkregen dan voorheen. 'Zo kon je vroeger in de natuurkunde bijvoorbeeld alleen aan de slag met ideale wetten en geïdealiseerde situaties, terwijl nu dankzij het gebruik van computers in korte tijd een stuk nauwkeuriger model van de werkelijkheid beschreven kan worden. Feitelijk zijn afgestudeerden van nu betere ingenieurs dan die van vroeger', aldus Ruijter.

Of ze ook betere academici zijn is een andere vraag. Wegens project- en blokonderwijs zal het studieprogramma minder vrijblijvend zijn. Soms zal de meerderheid inderdaad beslissen voor de minderheid als het gaat om zaken als bijvoorbeeld tijdsindeling. 'Maar is minder vrijblijvendheid hetzelfde als verschoolsing?', vraagt Ruijter zich af. De docent realiseert zich beter waar hij een student mee opzadelt. Maar dat kan best op een manier waarbij de student eerder meer dan minder verantwoordelijkheid krijgt.'

Het lijkt ook niet zo te zijn dat elke student hetzelfde paadje afwandelt, aldus Ruijter. 'Als je bijvoorbeeld kijkt naar het projectonderwijs bij Werktuigbouwkunde, dan zie je dat al die groepen na veertien dagen allemaal verschillende richtingen zijn opgegaan, terwijl het uitgangspunt hetzelfde was', vertelt Ruijter. 'Er worden tegenwoordig hogere eisen gesteld aan de studenten en de gemiddelde student draagt meer verantwoordelijkheden.' Het enige nadeel van de huidige aanpak is misschien dat de betere studenten wellicht onvoldoende gemotiveerd worden om wat extra's te doen. Met bonusprogramma's voor de ijverigste studenten, poogt de UT daar wat aan te doen.

Dat docenten soms de indruk krijgen dat studenten nauwelijks gemotiveerd zijn is volgens Ruijter een kwestie van generatiekloof. 'Studenten weten lang de indruk te wekken dat iets ze niet interesseert. Docenten denken dan al gauw: "die hoort hier niet". Maar het is gewoon een vorm van maatschappelijke uiting die door docenten niet altijd op de juiste manier geïnterpreteerd wordt.'

Dat fenomeen speelt in Twente een stuk minder dan bij grotere universiteiten. Vanwege de kleinschaligheid zal er minder snel gegeneraliseerd worden over de studenten, aldus Ruijter.

Daar komt nog bij dat de UT, zo stelt hij, een goede onderzoeksinstelling is. 'Op die manier trekken de meesters de gezellen mee. De docent zal op zijn beurt weer gemotiveerd worden door de respons van de studenten, wat kan leiden tot interessante vakinhoudelijke discussies.' Dat de docent altijd meer verwacht van z'n studenten vindt Ruijter ook niet meer dan logisch. 'Zo iemand is natuurlijk al jaren bezig met z'n vakgebied en zal z'n studenten er zoveel mogelijk van mee willen geven. Als docenten dat niet meer zouden doen, dan zou ik me pas echt zorgen maken.'

De SRD houdt vanavond om 20.00 uur bij de portacabin tussen Vrijhof en Bastille een 'onderwijsleuteravond' waar gediscussieerd zal worden over dit onderwerp.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.