Verwerkt asbest is op zichzelf niet schadelijk, legt medewerker Luijkx van de Arbo-en milieudienst van de UT uit. 'In oudere huizen, waarvan er in het rampgebied veel aanwezig waren, is het te vinden in onder andere vloerbedekkingen, daken en ovens. Pas als het asbest versplintert, kunnen er fijne asbestvezels vrijkomen. Deze deeltjes zijn met het blote oog niet te zien en kunnen bij inademen in de longen achterblijven. De vezels bevatten microscopisch kleine weerhaakjes waardoor ze zich kunnen inkapselen in de longblaasjes. Door de lange latentietijd kan een ziekte als asbestose zich tot vele tientallen jaren na blootstelling manifesteren. Dat maakt de diagnose lastig', aldus Luijkx.
Volgens het RIVM zou alleen het directe gebied kort zijn blootgesteld aan asbest. Het puin aldaar wordt dan ook apart verzameld. Door restanten nat te houden kan verstuiving van de asbestdeeltjes worden voorkomen en onschadelijk worden gemaakt. Luijckx: 'Door de enorme hitte bij de brand is er een flinke thermiek ontstaan die de deeltjes hoog de lucht in heeft genomen. Gezien hun minuscule afmetingen zullen echter niet meer dan een paar honderd meter hebben afgelegd.' Dat in gebieden tot Hengelo en Delden asbest terechtgekomen zou zijn, lijkt Luijkx onwaarschijnlijk.