'Uiteindelijk wordt iedereen beter van de Student Union'

| Redactie

Creativiteit, het UT-gevoel, grootse plannen, fikse kortingen, begrip voor elkaar, opmerkelijke successen, kleine strubbelingen, volgens Lex Hoekstra en Bart Blaauwendraad heeft de Student Union het allemaal in huis. Ze willen graag in de krant. De twee heren van de Student Union. Omdat ze nieuwe bestuursleden zoeken. 'Die zijn tegenwoordig moeilijk te krijgen', zegt Hoekstra een beetje spijtig. '

Creativiteit, het UT-gevoel, grootse plannen, fikse kortingen, begrip voor elkaar, opmerkelijke successen, kleine strubbelingen, volgens Lex Hoekstra en Bart Blaauwendraad heeft de Student Union het allemaal in huis.

Ze willen graag in de krant. De twee heren van de Student Union. Omdat ze nieuwe bestuursleden zoeken. 'Die zijn tegenwoordig moeilijk te krijgen', zegt Hoekstra een beetje spijtig. 'Dat geldt voor alle verenigingen. En dat geldt al helemaal als het om de Union gaat. Voor veel studenten zijn wij toch een ver-van-mijn-bed-show.'

'We zoeken bovendien mensen met redelijk veel bestuurservaring', voegt Blaauwendraad daar aan toe. 'Studenten die al een jaartje in een verenigingsbestuur hebben gezeten, in een commissie, een koepel. Die zijn nog moeilijker te krijgen.'

En dat terwijl het werk zo leuk is. 'We doen geen week hetzelfde', zegt Hoekstra. 'Inhoudelijk is het ontzettend interessant', vindt Blaauwendraad. 'Je maakt beleid en je implementeert het tegelijk. Je start projecten op en je zorgt er vervolgens voor dat die succesvol worden.'

Bovendien zitten de heren regelmatig met belangrijke mensen aan tafel. 'Harmen Siezen, Hermans, Troch. Dat pik je toch maar weer mooi mee', vindt Hoekstra.

'Je kunt ook in de centrale studentenraad gaan zitten', merkt Blaauwendraad op. 'Maar dan reageer je alleen maar op de dingen die het college van bestuur bedenkt. Hier zet je daadwerkelijk iets neer. Als je een creatief idee hebt kun je het zelf uitvoeren. Dat geeft voldoening.'

Grote plannen hebben de bestuurders genoeg. 'De UTake komt misschien onder Unionvlag', somt Hoekstra op. 'We willen in de verbouwde Bastille een dagcafé gaan runnen. Een gezellige plek waar je ook 's avonds na zeven uur op een prettige manier betaalbaar kunt eten. En we denken er over om een squashbaan te bouwen.'

Maar er worden ook al veel ideeën gerealiseerd. 'Verenigingen die gezamenlijk gaan inkopen, dat is typisch zo'n Unionproject', aldus Blaauwendraad.

Aha, de aankoop van wc-papier wordt gecentraliseerd? 'Als daar behoefte aan is', lacht Hoekstra. 'Maar je moet toch meer denken aan het gezamenlijk huren of leasen van busjes', zegt Blaauwendraad. 'Of studieverenigingen die met z'n allen bij de Boekenbar boeken kopen', vult Hoekstra aan. 'Gezamenlijk sportkleren aanschaffen is ook zoiets', gaat Blaauwendraad verder. 'Maar vooral op het horecavlak kunnen verenigingen hun krachten bundelen.'

'We zijn een netwerk van studentenorganisaties', legt Hoekstra uit. 'We ondersteunen de activiteiten van verenigingen. Met cursusprogramma's voor vrijwilligers, met het fonds stimulering activisme, met een digitale activiteitenkalender die een plezierig overzicht geeft van de dingen die verenigingen organiseren, met het regelen van de gezamenlijke inkoop.'

En met een Unionkaart die je een paar piek korting op een hamburgermenu van McDonald's oplevert? 'Daar wordt aan gewerkt', reageert Hoekstra. 'We gaan ervoor zorgen dat de kaart straks ook echte voordelen oplevert. We zijn bijvoorbeeld met Miracle Planet aan het onderhandelen.'

Door al die gezamenlijke activiteiten moet er langzaam maar zeker een UT-gevoel ontstaan. Want dat mist men wel eens een beetje, vinden de Union-bestuurders. 'Wij zijn met z'n allen heel gaaf. Zo'n soort gevoel', ligt Hoekstra toe. 'Het ontstaat wel steeds meer', denkt Blaauwendraad. 'Verenigingsbesturen zien elkaar sinds de oprichting van de Union veel vaker.Er is minder verkokering. In de Pakkerij weten ze nu ook dat er sport- en cultuurverenigingen bestaan. En andersom natuurlijk. Dat was vroeger wel anders.'

'Er is meer begrip voor elkaar', stelt Hoekstra. 'Stad en campus vullen elkaar aan. Sport-, cultuur- en gezelligheidsverenigingen voelen geen onderlinge concurrentie meer.'

Het gaat de goeie kant op, zo lijkt het. Met het UT-gevoel, met de samenwerking tussen verenigingen en dus met de Union. Maar natuurlijk is niet alles geweldig. 'Veel dingen duren langer dan je wilt. En je wilt meer dan je aankan', zegt Hoekstra. 'Dat frustreert.'

Bovendien kreeg de Union het afgelopen jaar van alle kanten kritiek. Omdat het allemaal niet zo opschoot. Omdat het bestuur onzichtbaar was. 'Dat voelt klote', aldus Hoekstra. 'Aan het begin van het jaar waren de verwachtingen hooggespannen. Terwijl wij niet één, twee, drie successen konden realiseren. Toen wij vorig jaar september begonnen, bestond de Union qua structuur. Maar in de UT-organisatie moesten wij ons zelf nog een plek verwerven. Het duurt een tijdje voordat dat lukt. Daardoor merkt de doorsneestudent in eerste instantie weinig van de veranderingen.'

'Je moet het zien als een trein', legt Blaauwendraad uit, 'waarvan de locomotief net is vervangen. Als je halverwege in een wagon zit, merk je daar niks van. Het maakt je in eerste instantie zelfs niet uit welke locomotief ervoor rijdt. Pas als de trein harder gaat rijden, zie je het verschil. Misschien zijn we gewoon nog niet in Frankrijk aangekomen. De TGV gaat ook pas daar harder rijden.'

'Maar uiteindelijk', zo verzekert Hoekstra, 'wordt iedereen beter van de Student Union.'

Lex Hoekstra (links) en Bart Blauwendraad

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.