Civiele techniek bijna 'zeer goed'

| Redactie

De opleidingen civiele techniek in Nederland zijn van een goed niveau. Maar er zijn te weinig goede docenten. De eis dat universitaire docenten gepromoveerd zijn, moet daarom vervallen. Dat is het oordeel van een commissie die twee opleidingen op het gebied van de civiele techniek in Delft en één in Twente beoordeelde. De commissie heeft in het algemeen lof voor deze drie. Ze worden `goed' tot `ze

De opleidingen civiele techniek in Nederland zijn van een goed niveau. Maar er zijn te weinig goede docenten. De eis dat universitaire docenten gepromoveerd zijn, moet daarom vervallen.

Dat is het oordeel van een commissie die twee opleidingen op het gebied van de civiele techniek in Delft en één in Twente beoordeelde. De commissie heeft in het algemeen lof voor deze drie. Ze worden `goed' tot `zeer goed' genoemd.

`Zeer goed' is de opleiding civiele Technologie en management in Enschede net niet, vindt de commissie. Daarvoor ontbreekt het nog aan diepgang in de civieltechnische vakken komen. Ook is er kritiek op de tentamens (te veel multiple-choice-vragen) en moet er meer aandacht komen voor het werken in laboratoria. Maar de opleiding krijgt een pluim voor de werkvormen, met name het projectonderwijs. En het eindniveau van de studie is zonder meer goed.

Geen van de opleidingen slaagt erin nieuwe onderwijsvormen, zoals met internet of projectmatig werken, toe te passen. Dat komt mede door het gebrek aan goede docenten, denkt de commissie. Om dat tekort aan te pakken kan de gangbare eis dat een universitair docent gepromoveerd moet zijn in dit geval beter geschrapt worden.

Zorgen heeft de commissie ook over het studentenaantal. Dat loopt sterk terug, vooral bij de Delftse civiele techniek. Ook het aantal vrouwen onder de studenten kan nog flink omhoog, vindt de commissie.

Delft:

Civiele techniek in Delft krijgt de kwalificatie `zeer goed'. De internationale vermaardheid van deze opleiding is zeer terecht, vindt de commissie. Toch valt er nog wel wat te verbeteren. De vakken zijn te zeer versnipperd en het ontwerpen krijgt te weinig aandacht.

Ook geodesie krijgt lof. Internationaal gezien neemt die studie

een vooraanstaande positie in. Maar de basisopleiding is te theoretisch en de afstudeerrichtingen geometrie en geo-informatica hebben te weinig te maken met het toekomstig werkterrein van de geodeet. Ten slotte kan ook bij geodesie de samenhang tussen de vakken beter.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.