HBO-studenten klagen over faciliteiten

| Redactie

Gebrekkige computers, onvoldoende studieruimtes, moeilijk bereikbare docenten, tentamens die laat worden nagekeken en schools, saai onderwijs. Vooral studenten in het hbo klagen daar vaker over dan voorheen. Dat blijkt uit de vandaag verschenen Keuzegids Hoger Onderwijs. De redactie van deze gids verwerkt jaarlijks de mening van 27.000 studenten over hun opleiding. In de enquête van dit jaar klage

Gebrekkige computers, onvoldoende studieruimtes, moeilijk bereikbare docenten, tentamens die laat worden nagekeken en schools, saai onderwijs. Vooral studenten in het hbo klagen daar vaker over dan voorheen.

Dat blijkt uit de vandaag verschenen Keuzegids Hoger Onderwijs. De redactie van deze gids verwerkt jaarlijks de mening van 27.000 studenten over hun opleiding. In de enquête van dit jaar klagen studenten meer dan ooit over de in hun ogen gebrekkige, verouderde computers, gebouwen en mediatheken, en over te kleine ruimtes voor zelfstudie en andere faciliteiten.

Studenten zijn ook vaker dan voorheen ontevreden over de beschikbaarheid van docenten. Het contact met hen is vluchtig en oppervlakkig. Verder klagen studenten over te volle tentamenroosters. Daarmee worstelen ook de docenten: zij kampen regelmatig met een achterstand in het nakijken. De helft van de hbo-studies krijgt een onvoldoende voor het trage nakijken, evenals grote universitaire opleidingen als rechten.

Volgens de Keuzegids blijkt dat studenten nu de gevolgen ondervinden van de bezuinigingen die het hoger onderwijs de afgelopen jaren opgelegd kreeg.

In een reactie wijst oud-hoogleraar onderwijskunde Wynand Wijnen nog een tweede oorzaak aan. 'Opleidingen voeren onderwijsvernieuwingen soms nogal vrijblijvend in', zegt hij. 'Als je in kleinere groepen lesgeeft of daarbij internet gebruikt, krijg je als docent meer individuele vragen van studenten. Dat besef dringt niet tot elke opleiding door', zegt Wijnen. Hij is de geestelijk vader van het probleemgestuurd onderwijs en zo ongeveer de uitvinder van het woord `studeerbaarheid'.

Ook speelt volgens Wijnen mee dat de studiefinanciering 'aan de krappe kant is. 'Wie geen bijbaantje heeft, koopt geen nieuwe computer. Daarin moeten opleidingen dus voorzien. Die zijn dat duidelijk niet gewend. Ze schaffen één keer nieuwe pc's aan, maar vervangen die niet bijtijds. Dat leidt tot gemopper.'

Uit de Keuzegids-enquête, uitgevoerd door het Leidse bureau Research voor Beleid, komt duidelijk naar voren dat hogescholen met de meeste problemen kampen. Zij leiden na een groeispurt inmiddels twee keer zoveel studenten op als de universiteiten, terwijl hun budget niet wezenlijk steeg.

De problemen doen zich zowel voor bij grote als kleine opleidingen in het hbo en wo. Zo zijn er grote studies die de last van hun populariteit torsen, omdat docenten veel studenten tegelijk moeten 'bedienen'. Dat leidt in sommige gevallen tot schools en weinig uitdagend onderwijs. Kleine opleidingen hebben vaak minder geld om hun kwaliteit en voorzieningen te handhaven.

In het hbo zijn het met name de sociale studies die studenten niet aanzetten hun hersens te gebruiken. Studenten van deze opleidingenhaken voortijdig af, omdat ze vinden dat ze er te weinig opsteken. Die klacht komt ook voor bij enkele universitaire gamma-studies, zoals communicatiewetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en sociaal-culturele wetenschappen aan de VU.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.