De UT heeft weer een U-raad, maar in werkelijkheid natuurlijk niet. De in mei verkozen studenten en medewerkers mogen dan net als vroeger gezellig samen opereren, de fractiepolitiek mag in ere zijn hersteld - het blijft medezeggenschap. De U-raad nieuwe stijl, zoals de volksmond nostalgisch wil, is uiteraard een verkapte CGV.
De gezelligheid herinnert misschien aan vroeger tijden - WUBse tijden zou je kunnen zeggen - de krachteloosheid van de raad is dezelfde als die van de COR, de CSR, en de CGV. De MUB heeft nu eenmaal afgerekend met medebestuur van studenten en werknemers.
Vóór deze 'modernisering van de wet op het universitair bestuur' verhield de U-raad zich zo ongeveer tot het college van bestuur zoals het parlement tot de regering. Zo gaf het budgetrecht de raad de mogelijkheid de begroting af te keuren. Op die manier zijn in het verleden nogal wat colleges klemgezet, dan wel hinderlijk gevolgd.
Tegenwoordig mag de U-raad in het gunstigste geval met collegebesluiten instemmen - of niet natuurlijk. Als de medezeggenschap haar vuistje balt en weigert in te stemmen, kunnen de bestuurders twee dingen doen: óf ze passen het besluit aan en brengen het opnieuw ter instemming, óf ze maken een lange neus naar de raad en zetten gewoon hun zin door.
In dat laatste geval stapt de raad naar de landelijke geschillencommissie. Die gaat vervolgens niet na of de medezeggenschappers gelijk hebben, nee, ze kijkt of het CvB 'redelijk en billijk' besloten heeft. Komt de geschillencommissie inderdaad tot die conclusie - en de kans daarop is bijna maximaal, want ze let alleen op mogelijke procedurefouten - dan is het collegebesluit daarmee alsnog bezegeld.
Tegenstribbelende medezeggenschappers kosten het CvB dus hooguit tijd, dwarsbomen is er niet meer bij. Daarvoor moeten we tegenwoordig bij de Raad van Toezicht zijn, onder meer bevoegd om collegeleden te benoemen én te ontslaan. Volgens insiders laat het CvB de oren hangen naar de RvT, veel meer dan naar een U-raad zonder angel.
Spek en bonen dus, die medezeggenschap? Dat is teveel gezegd. Bestuurders zijn gebaat bij handelingssnelheid en zitten niet te springen om de fikse vertraging die zo'n geschilprocedure veroorzaakt. En voortdurende afkeuring van de vertegenwoordigde academische gemeenschap komt een college niet ten goede.
Nu bijten niet meer mag, zal de U-raad slim en uitgekookt moeten blaffen. 'Dat hebben we de afgelopen twee jaar wel geleerd', zegt Geerten Schrama, fractievoorzitter van de KPS. 'Zolang we goed en tijdig geïnformeerd blijven, kunnen we het college aardig op de huid zitten.'
Neem de nieuwe opleidingen. Het college van bestuur heeft besloten dat het opleidingenaanbod per 2002 uitgebreid moet worden met bedrijfswetenschappen, industrieel ontwerpen, gezondheidswetenschappen, en psychologie. Daarvoor moet de landelijke commissie ACO eerst goedkeuring verlenen.
'Mooie plannen', zegt Schrama. 'De curricula zien er aardig uit. De bedoeling van het verbrede aanbod is meer studenten naar Twente te halen. Daar zijn wij vóór. Een grote instroom is van levensbelang. Maar garanderen deze opleidingen die? Niemand weet het.'
'Toch vraagt het college nu al onze instemming. In de begintijd van de CGV zouden we dat hebben gedaan - nu al meegaan. De ervaring leert echter dat zodra de ACO groen licht heeft gegeven, de foldertjes bij wijze van spreken al de deur uit zijn. Iedereen gaat onmiddellijk als een idioot aan de slag om die opleidingen in elkaar te flansen, terwijl over uitvoering en nut nog nauwelijks van gedachten is gewisseld.'
Dit keer bouwt de U-raad een bezinningsmoment in. Schrama: 'We eisen van het college een tweede instemronde. Als de ACO-toekenningen er liggen, gaan we nogmaals in discussie over hoe die opleidingen in te richten. Over de werklast die op de schouders van het personeel terecht komt, heeft nog niemand het gehad.'
En zo valt er de komende tijd nog zat te bezinnen, belooft Schrama. 'Wat dacht je van de invoering van het bachelor-mastersysteem? Vorig jaar kregen we een memootje waarin het college schreef dat de invoering in een vloek en een zucht gepiept zou zijn. Een ingenieur wordt gewoon een master, en op de helft geven we hem een bachelorspapiertje - simpel toch?'
Schrama lacht zuur. 'Maar zo eenvoudig gaat dat niet. We hebben redenen om aan te nemen dat studenten straks na hun bachelor een tijdje de arbeidsmarkt op gaan, om pas later een geschikte master uit te kiezen - als ze slim zijn een specialisme dat bij hun prille loopbaan past. Universiteiten zullen dus masters moeten gaan aanbieden die dáár op inspelen.'
'Daar moet je dus even over nadenken', zegt hij. 'En ik ben benieuwd hoe die gedachte zich verdraagt met bijvoorbeeld Major-minor.'
![]()
De U-raad, deze week voor het eerst bijeen, zij het nog zonder college van bestuur.