Het biologisch evenwicht in de campusmoestuinen

| Redactie

Masterplan-architect Hoogstad had er al kantoorblokken gepland. Volkstuintjes kun je immers zo verplaatsen. De leden van de Biologische Tuinvereniging Drienerlo denken daar heel anders over. 'Het duurt minstens zes jaar voordat nieuwe grond in optimale conditie is.' Je hebt biologische tuinders en je hebt biologische tuinders aan een technische universiteit. De eerste soort verbouwt onbespoten wor

Masterplan-architect Hoogstad had er al kantoorblokken gepland. Volkstuintjes kun je immers zo verplaatsen. De leden van de Biologische Tuinvereniging Drienerlo denken daar heel anders over. 'Het duurt minstens zes jaar voordat nieuwe grond in optimale conditie is.'

Je hebt biologische tuinders en je hebt biologische tuinders aan een technische universiteit. De eerste soort verbouwt onbespoten worteltjes en boerenkool in, met brandnetels en andere plantaardige rommel overwoekerde, achtertuintjes. De tweede groep kweekt gourgettes en exclusieve soorten sla in streng georganiseerde tuineenheden van precies vijftien bij anderhalve meter.

In volkstuintjes achter de Boerderij vallen vooral de vele bordjes op. Op de waterpomp, voor de kruidentuin, aan de bak met pootgoed, overal hangen zilverkleurige plaatjes met informatieve teksten in strakke zwarte letters. 'Aangelegd ter gelegenheid van ons vijfentwintig jarig jubileum in 1995.' Groene en gele bordjes met de mededeling 'vrijgegeven' vertellen welke composthopen de leden wel en niet mogen gebruiken. Zelfs de 25 nestkastjes rond de tuin zijn genummerd.

Die nestkastjes plaatste de vereniging zelf. 'De vogels eten de insecten die in de tuin leven', legt voorzitter Jan Weers uit. 'We hebben nooit last van luizen- of rupsenplagen. Hier lopen alleen woelmuizen rond. Een jaar of vijf geleden hadden we daar een seizoen lang behoorlijk last van. Maar de populatie is op natuurijke wijze uitgedund.'

Alles in de lommerrijke moestuinen op de campus draait om biologisch evenwicht. De leden van de Biologische Tuinvereniging Drienerlo mogen niet spuiten, geen kunstmest strooien, en slechts water uit de put met pomp gebruiken. Alleen in extreem droge zomers zet Jan Hobbe de sproeier aan. 'Maar dat komt zelden voor', zegt het bestuurslid. 'Deze zomer hebben we geen enkele keer gesproeid.'

Het biologische evenwicht in de tuinen dreigt ruw verstoord te worden door de plannen van Hoogstad. De architect van het masterplan tekende in de strook groen tussen De Boerderij en Hogedruklab grote kantoorblokken. Boven op de landelijke boomgaard en de rustieke moestuinen. Geheel tegen de wil van volkstuinders en veel campusbewoners in. Op een recente inspraakavond over het masterplan roerden die zich dan ook duchtig. 'Hoe haalde Hoogstad het in zijn hoofd de prachtige omgeving vol te plempen met kantoorgebouwen?'

Van Weers kan zich nog opwinden over zoveel onbegrip van de architect uit Rotterdam. 'Alsof je volkstuintjes zomaar eventjes kunt verplaatsen. Het duurt minstens zes jaar voordat nieuwe grond in optimale conditie is. De vogels zullen heus niet meeverhuizen. En wat te denken van de landschappelijke waarde. De boomgaard vormt samen met de tuinen een prachtig mooi parkachtig geheel. Ik geloof dat Hoogstad dat na de inspraakavond eindelijk in de gaten kreeg. Binnenkort komt 'ie zelf kijken.'

De wortels van de Biologische Tuinvereniging Drienerlo liggen in de roerige jaren zeventig. Vier 'levenslustige en zelfverzekerde' UT-studenten schreven in de zomer van 1970 een brief naar het college van bestuur waarin ze om een stuk grond vroegen. Die studenten zouden zich volgens de heren die de brief in-pak-maar-met-blote-voeten aan de toenmalige bestuurders aanboden 'van hun bleke medestudent onderscheiden door een natuurlijke en gezonde blos.'

Al die dertig jaar telde de tuinvereniging meer dan zeventig leden. Nu is ongeveer 15 procent daarvan student. 'Vroeger was dat meer', aldus Van Weers. 'Maar studenten hebben het tegenwoordig te druk met andere dingen. Hoewel er tot vorig jaar één student in het bestuur zat.'

De leden van de tuinvereniging doen veel gemeenschappelijk. Iedereen moet verplicht twee keer per jaar deelnemen aan een werkochtend. Bovendien worden er regelmatig barbecues en andere activiteiten georganiseerd.

Bij andere tuindersverenigingen is dat wel anders. De hoofdredacteur van Moestuin, het nationale 'vrijetijdsblad voor eigentijds moestuinieren' verbaasde zich over de grote saamhorigheid. 'Die man komt overal in het land ruzies tussen bestuur en leden tegen', vertelt Van Weers. 'Toen hij hier op de campus was om een artikel over ons te schrijven, bleef hij zich verbazen over wat wij allemaal wel niet gezamenlijk doen.'

Juist dat gezamenlijke maakt de tuinvereniging volgens Van Weers zo uniek. 'Als we naar de rand van de campus moeten verhuizen, raken we die saamhorigheid misschien kwijt. Dat zou vreselijk jammer zijn.'

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.