Masterstudie op waarde te schatten nog heel karwei

| Redactie

Heel Europa stapt de komende jaren over op het Angelsaksische model met bachelor- en masterstudies. Dat gebeurt met de bedoeling om het allemaal wat overzichtelijker te maken. Maar die duidelijkheid is er niet meteen. Dat duurt op zijn minst nog wel een jaar of vijf.

Dat zegt Robert Warmenhoven van de Nuffic, de organisatie die zich bezighoudt met de internationalisering van het onderwijs. Warmenhoven werkt op de afdeling diplomawaardering en onderwijsvergelijking. Omdat elk EU-land momenteel naar eigen inzicht een bachelor-mastermodel invoert, verwachten ze bij die afdeling dat ze het de komende jaren zeker niet rustiger krijgen.

'De ene bachelor is de andere niet. Voor masteropleidingen geldt dat ook, of je nu praat over Engeland, Spanje, Griekenland of een andere EU-lidstaat. Neem het grote voorbeeld Amerika: daar heb je masteropleidingen met verschillende aanvangsniveaus - die dus ook in inhoud sterk van elkaar kunnen afwijken. Die moet je per geval bekijken.'

De bachelorstudies zullen nog niet eens zo'n probleem vormen, denkt Warmenhoven. Veel moeilijker is het om de juiste waarde en inhoud van masteropleidingen, het einddiploma, vast te stellen. Die kunnen erg van elkaar verschillen. Niet alleen per land, maar ook per universiteit of hogeschool.

Warmenhoven: 'In Engeland en Amerika heb je universiteiten die goede en minder goede masters aanbieden, maar ook masteropleidingen op hbo-niveau. En allemaal leveren ze de mastertitel op. Zoiets krijg je straks in heel Europa.'

Pas na een jaar of vijf, als de eerste studenten afstuderen in het nieuwe model, komt er meer duidelijkheid in het Europese hoger onderwijs. "Het kan best zijn dat het een generatie studenten gaat duren. Dat daarna pas de feitelijke erkenning van bachelors en mastergraden in Europa makkelijker loopt', denkt de Nuffic-medewerker.

Toch zullen studenten die in het buitenland willen werken nog flink wat hindernissen moeten nemen. Fysiotherapeuten bijvoorbeeld of ingenieurs krijgen het niet gemakkelijker, aldus Warmenhoven: 'In veel landen moeten die eerst langs een beroepsgenootschap. Pas als die akkoord gaat, mogen ze aan de slag. Die genootschappen zijn vaak erg voorzichtig, om niet te zeggen chauvinistisch. Ze zullen hun weerstand en voorzichtigheid beslist niet van de ene op de andere dag laten varen. Wat dat betreft duurt het nog jaren voordat we de vruchten van het Angelsaksische systeem kunnen plukken.'

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.