Geen droom, wel leiderschap en af en toe een feestje

| Redactie

Hans Roosendaal, Peter Apers en Huib de Jong. Vanaf februari besturen zij de UT samen met Van Vught en een nog te benoemen financiële man of vrouw. Reden om ze nog dit jaar wat beter te leren kennen. UT-nieuws zette, gezien het IT-profiel van het nieuwe bestuur, een aantal vragen op de mail. De 23 antwoorden leest u hieronder.

Is een plaatsje in het CvB een droom die uitkomt?

Apers: 'Het lidmaatschap van het CvB is geen droom, maar een baan met interessante uitdagingen. Ik hoop in die positie een bijdrage te kunnen leveren aan een verdere ontwikkeling van de UT.'

De Jong: 'Nee. Ik beschouw het lidmaatschap van het CvB als een nieuwe uitdaging, maar in mijn dromen heeft het CvB nooit een rol gespeeld.'

Roosendaal: 'Toen ik twee jaar geleden bij de UT kwam is nooit bij mij de gedachte opgekomen dat ik lid van het CvB zou worden. Des te meer is het een fantastische uitdaging.'

Bent u fervent voorstander van academische vorming of ziet u meer in studeerbaarheid?

Apers: 'Deze vraag suggereert een tegenstelling maar die is er niet.'

De Jong: 'De tegenstelling bestaat niet. Academische vorming is het klassieke ideaal van breed onderlegde en methodisch geschoolde studenten die na hun opleiding nieuwe problemen zien als een kans en niet als een bedreiging. Studeerbaarheid is een vraag naar de effectieve en efficiënte organisatie van het onderwijs, gegeven de beschikbare tijd en middelen. Zó omschreven zijn academische vorming en studeerbaarheid heel goed met elkaar in balans te brengen.'

Roosendaal: 'De vraag impliceert een vermeende tegenstelling die er volgens mij niet is. Het gaat erom een brede vorming zo effectief en efficiënt mogelijk gestalte te geven.'

We hebben al de 'ondernemende' universiteit en de 'ICT'-universiteit, welk voorvoegsel wilt u toevoegen?

Apers: 'Het gaat niet om het label van de UT, maar waar de UT voor staat. We moeten een aantrekkelijke en uitdagende omgeving vormen voor studenten om te studeren en voor medewerkers om te werken. En dit alles in een context waarin een goede relatie met de afnemers van onze studenten en ons onderzoek belangrijk is.'

De Jong: 'Aan nieuwe voorvoegsels heb ik geen enkele behoefte. Ik vind het belangrijker om als UT-gemeenschap samen te proberen daadwerkelijk inhoud te geven aan de al bedachte voorvoegsels. Termen als ondernemend of ICT zeggen in abstracto alles en dus niets.'

Roosendaal: 'Daadwerkelijk invulling geven en blijven geven aan deze beide opdrachten in een snel veranderende omgeving is al een geweldige taak.'

Hoe moet de UT de concurrentie op ICT-gebied voorblijven?

Apers: 'Ik zal proberen bij te dragen aan een goede invulling van het ICT- karakter van de UT. De UT is uniek omdat het zowel de technologie als een aantal toepassingen in huis heeft. Gezamenlijk met faculteiten en instititen moeten we deze sterkte de komende jaren verder uitbouwen in zowel onderzoek als onderwijs.'

De Jong: 'De nieuwe technologische revolutie moet een plaats krijgen binnen de moderne universiteit. Vooral dankzij de faculteit TO en het CTIT (onderzoeksinstiiut faculteit Informatica, red.) hebben wij een duidelijke voorsprong op andere universiteiten, zowel voor wat betreft de technologie als wat betreft de applicatie in het onderwijs. Daarvan moeten we gebruik maken om onze positie op lange termijn te versterken. Ik denk dan in het bijzonder aan het internationale onderwijsaanbod en het nationale aanbod van onderwijsvarianten die passen in een tijd van permanente educatie.'

Roosendaal: 'De UT heeft door een brede inspanning een uitstekende positie verworven op het gebied van de technologie en de toepassingen van IT. Ookconceptueel zijn we sterk ontwikkeld. Deze strategische positie moeten we trachten te versterken door verdere interne ontwikkeling en door actief betrokken te zijn bij allianties op bijvoorbeeld het gebied van nieuwe onderwijsvormen.'

Volgens de benoemingscommissie moet het nieuwe college meer de campus op om zijn gezicht te laten zien. Kunnen we u op studentenfeestjes verwachten?

'Apers: 'Als lid van het CvB zal ik er zeker naar streven om een goede relatie op te bouwen met faculteiten en onderzoeksinstituten. Ik zal dus zeker bij ze op bezoek gaan. Het is niet alleen zaak om beleid te formuleren maar ook samen met anderen dit te implementeren. Pas dan heb je je doel bereikt.'

De Jong: 'Waar het om gaat is het versterken van de band tussen faculteiten en het CvB. Daarbij hoort een intensieve belangstelling voor hetgeen in de opleidingen en het onderzoek gebeurt en de bereidheid om, vanuit een gegronde kennis van de opleidingen en het onderzoek, beleid te maken. Zowel die belangstelling als die bereidheid is bij mij aanwezig. Op dringende uitnodiging van collega Grootenboer zal ik in mijn nieuwe rol voor alle anderen eerst op bezoek gaan bij de opleiding WB.'

Roosendaal: 'Het is altijd mijn managementstijl geweest om de mensen op te zoeken. Dat zal ik dan ook blijven doen. En ik hou van feestjes.'

Vult u in. Het nieuwe CvB met Van Vught als charismatische leider en u als...

Apers laat de vraag onbeantwoord.

De Jong: 'Met dit soort kretologie kan ik niets beginnen. Het CvB is een collegiaal bestuur bestaande uit vijf leden. Van Vught is voorzitter en krijgt als zodanig natuurlijk een belangrijke rol als primus inter pares. Ik hoop dat het ons lukt om de goede en minder goede eigenschappen van ieder van de leden zó bij elkaar te brengen dat de UT als geheel daarvan optimaal profiteert.'

Roosendaal: 'Ik kom in een goed team en een goed team kenmerkt zich door een goede leiding en leiderschap van de kant van alle leden waar dat verwacht en verlangd mag worden.'

Al vier mannen in het CvB. Op de financiële post komt dus een vrouw? Suggesties?

Apers: 'Vrouwen die weten dat ze een bepaalde positie hebben gekregen vanwege een vrouw-vriendelijk beleid zijn daar vaak het minst enthouisast over.'

De Jong: 'Zodra UT-Nieuws bevoegd is om leden van het CvB te benoemen zal ik mijn gedachten op dit punt prijsgeven in een interview.

Roosendaal: Ik hoop dat de benoemingsadviescommissie de beste kandidaat voor deze belangrijke positie zal vinden. Daar ligt het grootste belang voor de UT.

Hoe vindt u het dat u straks overal wat van moet vinden?

Apers: 'Een mening hebben over allerlei zaken is geen probleem, moeilijker zal het zijn om daar ook in alle gevallen een CvB standpunt van te maken.'

De Jong: 'Omdat ik toch vrijwel overal een mening over heb vind ik dit geen extra belasting.'

Roosendaal: 'De beste manier om iets te leren is om er iets over te moeten zeggen. Dat wordt dus veel leren.'

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.