![]()
Joris Keizer
Zwemmer Joris Keizer richtvizier op Olympische Spelen
Deed hij in 1997 nog 54,8 seconden over zijn favoriete 100 meter, in 1998 snoepte hij daar een dikke anderhalve seconde van af. De progressie stemt de vlinderslagspecialist hoopvol en geeft hem vertrouwen in de toekomst: 'Ik zou niet weten waarom het niet harder zou kunnen. Ik moet een tijd in de 52 kunnen zwemmen'.
Het is een tijd die met het oog op de naderende Olympische Spelen in Sydney niet zou misstaan. Tenminste als hij zich in 2000 nog steeds op het hoogste platform wil begeven. Op de komende Europese en wereldkampioenschappen in 1999 zal de zwematleet daarom vormbehoud moeten tonen. Aan zijn ambitie zal het niet liggen en ook de voorwaarden om optimaal te presteren zijn geschapen. Op sportief vlak toog hij op nieuwjaarsdag naar Sydney om tijdens een trainingsstage al vast aan de omgeving en het klimaat te wennen en ook over zijn pre- maatschappelijke loopbaan behoeft hij zich vooralsnog geen zorgen te maken. Het topsportbeleid van de UT biedt de tweedejaars student Technische Natuurkunde de mogelijkheid enkel 60 procent van het maximumaantal studiepunten te halen.
Het verschaft hem in ieder geval mentale rust. 'De verhouding studie/sport is momenteel fifty/fifty. Maar naarmate de Olympische Spelen dichterbij komen zal ik meer tijd aan mijn sport besteden en ik ben blij dat daar binnen onze faculteit begrip voor bestaat'.
Tot en met de zomer van 2000 zal het leven van Keizer in het teken staan van zijn race tegen de klok. Om te kijken of hij op schema ligt voor Sydney wacht hem een aantal uitdagingen, waaronder de wereldkampioenschappen in Hongkong en de Europese titelstrijd in Istanbul. Daarnaast zijn er tal van World Cup wedstrijden waar hij zich kan manifesteren: 'Ik moet vooral ervaring opdoen en werken aan mijn start en het keerpunt, want dat kan veel harder. Op de WK in 1998 werd ik vijfde en was iedereen vol lof over mijn race. Maar ik vond zelf niet dat ik daar een perfecte wedstrijd zwom. Zowel de start als het keerpunt waren voor verbetering vatbaar.'
'Het omgaan met de starter', zal in 1999 tot prioriteit worden verheven. Want een valse start is met de nieuwe richtlijnen desastreus. Een herkansing is er niet meer bij. Het moet deeerste keer kloppen en dat vergt een immense controle over de zenuwen: 'Als je buurman te vroeg gaat en jij laat je verleiden om ook maar vast te starten voordat het schot heeft geklonken, kun je de kleedkamer opzoeken. Smokkelen is er niet meer bij. De nieuwe regel gaat in ieder geval ten koste van je basissnelheid, want je laat het wel uit je hoofd om te vroeg te gaan'.
Over zijn kansen op de Olympische Spelen is Keizer terughoudend. 'Ik moet me eerst maar eens zien te kwalificeren en als ik dan de finale haal, is er van alles mogelijk. Maar daar wil ik nu nog niet bij stilstaan. Het gaat steeds sneller en de grenzen zijn nog steeds niet in zicht. Dat geldt zowel voor mij als voor mijn concurrenten. Als je bekijkt dat ik met mijn tijd van 53.3 in 1991 nog wereldkampioen zou zijn geworden... pfff..., onvoorstelbaar, daar is nu natuurlijk geen sprake meer van. Als je er nog bij wilt horen, moet je aanklampen en meegaan'.
HET SCHOT VAN DE WEEKDick Ozinga schutter van Lichtgeraakt behaalde recentelijk een verdienstelijke tweede plaats op de open kampioenschappen in Zutphen, waar hij 528 punten uit zestig schoten bijeen sprokkelde. De zesdejaars student Civiele Technologie en Management draait momenteel een prima seizoen en heeft zich dit jaar ten doel gesteld een plaats te veroveren in de hoofdklasse. Als hij in die opzet slaagt, zou de huidige A-klasser in aanmerking komen voor de nationale kampioenschappen. Een uitdaging die overeenkomt met de sportieve ambities van de 25-jarige UT-student. Alvorens het echter zover is zal hij in de districtswedstrijden of de klasseringswedstrijden een gemiddelde van negen moeten schieten. Of 363 punten uit veertig schoten. Als de pistoolschutter van Lichtgeraakt net zoals in Zutphen schoot komt dat doel wel heel dichtbij.
Ozinga: 'In Zutphen zat het gewoon flink mee. Tijdens de eerste vijf proefschoten, trof ik al vier maal de tien-ring en het laatste schot viel net daarbuiten. Het gaf mij in ieder geval voldoende vertrouwen om de wedstrijd in te gaan. Een geweerschutter naast me versterkte die motivatie alleen maar. Deze jongen schoot werkelijk briljant en ik wilde niet voor hem onder doen. Bovendien was ik op en top geconcentreerd en heb ik me door niets of niemand laten afleiden. Het betaalde zich uit in 528 punten, een mooi aantal en net vier punten minder dan de latere winnaar. In totaal zaten er twee afzwaaiers bij, maar al met al een mooi gemiddelde'.
UITSLAGEN
Mass toernooi
Per abuis is in de sportuitslagen-rubriek van UT-nieuws van 17 december een verouderd artikeltje terecht gekomen over het Mass-toernooi. Dit toernooi heeft niet onlangs plaatsgehad, maar vindt elk jaar op en rond Hemelvaartsdag plaats. De datavoor 1999 zijn 14, 15 en 16 mei. Belangstellenden voor dit evenement kunnen zich inschrijven. Voor meer informatie, over onder meer de inschrijvingen, Jenno (053-4308770) of Rob (053-4895065).
Arriba vecht tegen degradatie
Arriba vecht zaterdag een verbeten degradatiestrijd uit tegen het Hengelose ATC. Beide teams bevinden zich net boven de degradatiestreep en winst in deze wedstrijd is voor beide partijen geboden. Arriba kan in dit duel niet beschikken over Roelof van Zwol en en Jeroen Regelink. Het duo verblijft momenteel in het buitenland.
Veel animo voor ISBT
Het Internationale Studenten Badminton Toernooi (ISBT) trok dit jaar in totaal 400 deelnemers, waaronder afvaardigingen uit Estland, Noorwegen, Engeland, Frankrijk, Duitsland en Rusland. Het door Diok georganiseerde evenement werd rond de jaarwisseling gehouden en draaide uit op een groot sportief festijn, waarbij ook voor het nodige vertier voldoende tijd werd vrijgemaakt. Zo had het afsluitende oudejaarsfeest plaats in de Bastille.
Remise voor Diok 1
Diok 1 is het nieuwe jaar voortvarend van start gegaan. In de uitwedstrijd tegen DKC uit Den Haag sleepte de formatie een gelijk spel in de wacht. De vier punten werden gepakt door Otto en Rouwhorst in de herendubbel, Piret Kart in de damessingle, opnieuw Rouwhorst in de herensingle en Hans Nijhof in eveneens de herensingle. Winst in de afsluitende mixpartij zou Diok de wedstrijdzege hebben gebracht, maar Otto en Van Dalen moesten in een bloedstollende drie-setter alsnog het hoofd buigen. Diok 2 verloor met 5-3 van BCA 4 en ook het derde van Diok ging ten onder tegen BC Leeuwarden (8-0). Diok 4 dwong een remise af tegen BC OSO.