blad Economisch-Statistische Berichten traditiegetrouw rond de jaarwisseling publiceert. De eerste vijf zijn dezelfden als vorig jaar, met Tilburger Geert Hofstede nog steeds aan kop. Bij de hoogste tien staat maar één econoom die er vorig jaar niet stond: John Hagedoorn uit Maastricht, op zes. Ook de ranglijst van universiteiten met de meeste toppers is nagenoeg
dezelfde als die van vorig jaar.
Het stabiele karakter van de top-30 hangt samen met de manier waarop die wordt samengesteld. De ESB-lijst berust op citaties van vijf jaar. Wie hoog wil scoren, moet jarenlang veelvuldig geciteerd zijn. Elke nieuwe top-30 overlapt bovendien vier van de vijf jaren die het jaar daarvoor ook al in de lijst verwerkt zijn.
ESB stelde ook een zogenoemde `polderparade' op. Dat is een ranglijst van economen met veel invloed op de discussie over economisch beleid, gebaseerd op aantallen citaties in zeven toonaangevende bladen. Slechts twee economen komen zowel op de `wetenschappelijke' als op de `beleids'-top-10 voor. Onder hen is de nummer één van de polderparade, Lans Bovenberg,
alweer uit Tilburg.