'Giddens kijkt vooral naar de rol van de mens in organisaties', vertelt Fehse, 'hij beschrijft hoe een organisatiestructuur het handelen van medewerkers kan beïnvloeden.'
'En dat is juist het bijzondere', vult Faber aan. 'In Twente moffelen veel onderzoekers de mens weg. Bestuurs- en bedrijfskundigen hanteren een ingenieursbenadering: ze gaan ervanuit dat mensen volgens de voorgeschreven procedure werken. Maar in werkelijkheid nemen medewerkers beslissingen op basis van tal van factoren en processen, en juist niet op basis van een organisatiestructuur. Handleidingen verdwijnen niet voor niets meteen in de onderste lade van een bureau.'
'Bedrijven staan ook steeds meer open voor Giddens' benadering', aldus Fehse. 'Die komen er zo langzamerhand achter dat de invoering van een nieuw computerprogramma ook onvoorziene effecten oplevert die ze met technische aanpassingen niet kunnen oplossen.' 'Of', vertelt Faber, 'dat het slagen van een internationaal samenwerkingsproject meer te maken heeft met het vertrouwen dat partners in elkaar hebben dan met de precieze organisatiestructuur.'
Faber en Fehse zijn gelukkig, samen op hun kamertje. 'We vullen elkaar perfect aan', vertelt Fehse, 'Ik ben bijvoorbeeld een beetje druk, onbesuisd en niet zo diplomatiek. Terwijl Edward veel rustiger is. Soms wel een beetje te rustig misschien.'
'Hmmm', zegt Faber bedachtzaam, 'meestal combineren wij inderdaad heel goed. Dan zeg ik: relax Karen, drink eerst eens een kopje thee.'
![]()