Hoewel, dat geeft hij toe, daar steeds minder ruimte voor is. 'Ik moet de studieprogramma's heel strak organiseren. Anders studeren studenten niet binnen de daarvoor gestelde tijd af. Maar jongeren komen ook naar de UT om meer mens te worden. Ze willen dingen naast de studie doen, hun eigen programma samenstellen. Vrijheid versus strakke regels, ik vind het een heel moeilijk dilemma en ik heb er geen oplossing voor.'
'Bovendien', peinst Van Lieshout, 'ontstaat er zo langzamerhand een groep studenten die overal over komen zeiken, die claimerig gedrag vertonen. Lui die al aankloppen als ze 130 in plaats van de vastgestelde 120 uur aan een vak moeten besteden. Gelukkig is het een kleine groep. De andere 80 procent blijft wel redelijk.'
Al met al werkt Van Lieshout bij een 'prettige club'. 'CT&M'ers - studenten net zo goed als docenten en de rest van de staf - staan allemaal achter hun opleiding. Ik heb hier bijvoorbeeld nauwelijks te maken met gevestigde koninkrijkjes die elkaar op leven en dood bestrijden.' En dat kan ook anders, weet de opleidingsdirecteur, want hij heeft al heel wat 'clubs' van de UT 'meegemaakt'.
In 1969 begon Van Lieshout als wetenschappelijk medewerker bij CT. Hij werd er al gauw onderwijscoördinator en specialiseerde zich in het ontwikkelen van studieprogramma's. Begin jaren negentig - nadat hij drie jaar aan het Institute Technology Bandung in Indonesië werkte - stapte hij over naar het Onderwijskundig Centrum. Daar deed hij allerlei klussen totdat hij in 1993 werd gedetacheerd bij de nieuwe opleiding Civiele Technologie en Management. Eerst als studieadviseur, coördinator en mentor tegelijk, gaandeweg als opleidingsdirecteur.
En daar voelt hij zich thuis: 'De CT&M-sommetjes kan ik niet maken. Maar ik ken inmiddels alle kreten en voel ik me hier helemaal op m'n gemak.'