Ruim tweederde van de studenten die op de middelbare school een exact pakket hadden, kiest voor een bèta- of technische studie. Het zijn de studenten met de hoogste cijfers en vaak afkomstig uit wat lagere sociale milieus. Degenen die 'exact' hadden kunnen kiezen, maar dat niet doen, zijn vooral te vinden bij medische en economische studies. Het is bijna onbegonnen werk om deze groep naar een exacte studie te lokken. Ze denken dat bètaopleidingen zwaarder zijn en minder kansen bieden op een baan en een hoog salaris.
De onderzoekers van het Kohnstamm Instituut vroegen 4400 hbo- en wo-studenten of ze wèl voor een exacte studie zouden kiezen als ze bijvoorbeeld een hogere beurs zouden krijgen en geen collegegeld hoefden te betalen. Dat blijkt nauwelijks effect te hebben. Ook als de aanvangsalarissen van technische beroepen stijgen en er extra ruimte komt voor deeltijdwerk, blijven de studenten die voor een alfa- of gammarichting kiezen bij hun keus.
Dat komt omdat technische studies simpelweg niet trendy zijn. Studenten die voor een opleiding in de sector natuur en techniek kiezen, zijn minder eigentijds dan hun leeftijdgenoten.
Techneuten hechten meer waarde aan typische yuppenzaken als een mooi huis en veel luxe. Studenten van andere studierichtingen vinden trends als 'verantwoordelijkheid nemen', 'je eigen leven inrichten', 'avontuur' en 'persoonlijke betrokkenheid bij anderen' belangrijker.
Exacte studies sluiten dus minder aan bij de dingen die jongeren in deze tijd belangrijk vinden. Wie die studies aantrekkelijk wil maken, moet daar iets aan doen.
'Alleen is dat nog niet zo eenvoudig', vindt hoofd studentenvoorlichting Hans Lammertink. 'Trends veranderen namelijk voortdurend, daar kun je de inhoud van opleidingen niet zomaar op aanpassen. Bovendien behoren onze technische studies tot de pittigste in Nederland. Lang niet alle vwo'ers willen of kunnen hier studeren.'
Maar juist het verborgen bètatalent kiest ondanks een geschikt vakkenpakket toch voor een alfa- of gammastudie. 'Die jongeren vinden technische studies meestal te eng, te smal. Voor hen introduceren we Major-minor. Als ze willen kunnen ze dan een brede, technische studie volgen.'
De UT gaat wel samen met een groot reclamebureau haar imago verbeteren, aldus Lammertink. 'We moeten duidelijker uitstralen wat we willen zijn. We moeten een eigen lijn trekken, laten zien dat we een unieke universiteit zijn, heel anders dan Delft en Eindhoven. Maar hoe die lijn er precies uit gaat zien, dat weten we nog niet.'