Met stip op vier: Mo Mohlam, de Britse staatssecretaris voor Noord-Ierland. Dwars tegen alle adviezen in zocht zij de harde kern van de IRA op in de Maze-gevangenis, om die te bewegen mee te werken aan een vredesregeling. Zij maakte van kankerwijf een eretitel. Als bekroning voor haar inspanning ging de Nobelprijs echter niet naar haar, maar naar de militante aanvoerders van de strijdende partijen. Hume en Trimble.
Het is een bekend verhaal; om de Nobelprijs voor de Vrede te krijgen kan een kledder bloed aan je handen geen kwaad. De Tsjechen en de Slowaken die gewoon vreedzaam uit elkaar gingen maakten geen schijn van kans, maar in Joegoslavië profileert menig agressor zich tot potentiële kandidaat. De oorlogsmisdadiger van vandaag kan kiezen: buigen voor de prijs in Oslo, of barsten voor het Gerechtshof in Den Haag.
(Een oorlogsverleden is geen must. Min of meer vreedzaam binnenlands verzet tegen een niet-Westers regime doet het ook altijd goed. De Birmese Aung San Suu Kyi en de Timorezen Carlos Belo en Jose Ramos-Horta vielen in deze categorie. Maar het moet wel echt een niet-Westers regime zijn. Gandhi verzette zich tegen de Engelsen, dus dat telde niet. Wie zich vreedzaam verzet tegen een Westers regime is een oproerkraaier, een relschopper. Op de spoorbaan gaan zitten om kernwapentransporten tegen te houden wordt niet met een vredesprijs beloond.).
Het Kabinet heeft Max van der Stoel voorgedragen voor de Nobelprijs voor de Vrede. Een aardig initiatief, maar is het niet bij voorbaat kansloos? Heeft Van der Stoel eigenlijk wel bloed aan z'n handen? Hij is drager van het Grootkruis Orde van de Phoenix van Griekenland, wegens zijn verdiensten in de strijd tegen het Griekse kolonelsregime, dus ik dacht, misschien heeft onze ridder dan wel een leger Griekse kolonels over de kling gejaagd. Misschien heeft hij autobommen onder kolonelswagens gelegd, heeft hij kolonelsdochters ontvoerd, mishandeld en verkracht. Maar navraag leert niets van dit alles. Van der Stoel heeft jaren achtereen braafjes rapportjes zitten schrijven. Hij is graalridder op de typemachine. Allemaal lief en aardig natuurlijk, maar voor zo'n lulletje rozenwater is de Nobelprijs niet bedoeld.