Finland: meren, bossen, gastvrijheid, mobiele telefoons en de Universiteit van Joensuu. Hoe je als kleine academie ergens in de periferie van het Europese hoger onderwijs kunt overleven.
Langzaam wordt de wereld onder de Boeing 323 witter. De vriendelijk glimlachende stewardess van FinAir brabbelt in een onverstaanbaar taaltje. 'Sorry, I do not understand.' 'Your from Europe', reageert een medepassagier enthousiast. 'Yes, and you are Finnish? Isn't that also Europe?'
Nou, ja, natuurlijk hoort Finland geografisch gezien bij Europa. En inderdaad, Finland is lid van de Europese Unie. Maar... de in maatpak gestoken medereiziger vergeet zijn plastic vliegtuigmaaltijd om het volgende half uur in struikelend Engels uit te leggen waarom Finland in de eerste plaats Finland blijft, misschien wel meer bij Rusland hoort en pas heel veel later ook nog een beetje Europa is.
Het 'wilde westen' van Europa bevindt zich dan ook wel heel hoog in het hoge noorden. De afstand van Amsterdam naar Joensuu is bijna net zo ver als die van Amsterdam naar Gibraltar. En dan ben je nog niet eens halverwege het onherbergzame land dat maar liefst elf keer groter is dan Nederland.
Joensuu ligt vijfhonderd kilometer ten noord-westen van Helsinki, tachtig kilometer van de Russische grens, in Karelië: de voorraadschuur van het Finse nationale gevoel. De beelden van de ruige verlaten bossen en de duizenden uitgestrekte meren werden in de 19e eeuw bekend over het hele land. Met de volksliederen en sagen leveren ze nog steeds de symbolen voor het besef dat Finland een zelfstandig land is, met een eigen historie en een zwaar bevochten onafhankelijkheid. Want pas in 1917 - tijdens de Russische Revolutie - slaagden de Finnen er in zich van de wisselende Russische en Zweedse overheersing te bevrijden.
Finlands oostelijkste universiteit huist aan de rand van Joensuu, een stad zo groot als een flink Nederlands dorp, iets groter dan Haaksbergen. De veertigduizend ingezetenen wonen in woonwijken die er Amerikaans uitzien, aan ruimte geen gebrek. Ook het centrum is leeg en desolaat. Brede straten, betonnen huizenblokken, een winderig plein met bergen stuifsneeuw, grote supermarkten en de alomtegenwoordige Mc Donalds. Jongeren rijden met buitenissige Amerikaanse auto's langzame rondjes. Alleen voor de deur van de Alko - de Finse staatswinkel waar je sterke drank en wijn koopt - kleumen mensen in groepjes bijeen.
Buitenpost
Op de campus is het warm, gemoedelijk opgeruimd en nieuw. De Universiteit van Joensuu - Joensuu Yliopsito - is jong. Pas in 1969 werd de toenmalige lerarenopleiding omgebouwd tot academisch instituut. Dat was volgens de nationale overheid nodig om docenten voor het voortgezet onderwijs genoeg kennis en diepgang mee te geven.
'Het begon hier allemaal klein en knus', vertelt financieel directeur Timo Kallio. 'Met een dikke honderd studenten en vier professoren. En eigenlijk had het ook zo bescheiden moeten blijven. De regering in Helsinki dacht aan tweeduizend studenten: een kleine buitenpost tussen de bossen en meren in oost-Karelië. We zouden alleen docenten voor de locale scholen gaan opleiden. Van een postgraduate opleiding of wetenschappelijk onderzoek was in eerste instantie geen sprake. Om over concurrentie met de twee oude Finse universiteiten in Helsinki en Turku maar te zwijgen.'
'Dat pakte anders uit', Kallio kan een triomfantelijk glimlachje nauwelijksonderdrukken. 'Met de academisering van de lerarenopleiding kwamen er vakgroepen en werden er professoren aangetrokken. Eerst nog op aan onderwijs gerelateerde gebieden zoals wiskunde, biologie, geschiedenis, aardrijkskunde, psychologie, Fins en onderwijskunde. Maar de grote ommekeer kwam eind jaren tachtig. In 1979 stelde de universiteit een leerstoel economie in. Bosbouw en computerwetenschappen volgden een jaar later.'
En daarmee werd Joensuu weliswaar een relatief kleine (zesduizend studenten, 350 man wetenschappelijke staf), maar toch brede universiteit die ook nationaal mee ging tellen. Bovendien wist de toenmalige rector Kyösti Pulliainen bij het ministerie van onderwijs een speciale status in de wacht te slepen. Als eerste in Finland mocht de Universiteit van Joensuu experimenteren met de zogenaamde lumpsumfinanciering. De academici konden vanaf dat moment min of meer zelf beslissen hoe ze de ruim 250 miljoen Finnmark (92 miljoen gulden) uit Helsinki wilden besteden.
'Die lumpsum financiering vroeg nogal wat inzet en flexibiliteit van onze medewerkers', vertelt Kallio. 'Maar omdat wij een relatief kleine en jonge universiteit zijn konden we makkelijk op de nieuwe situatie inspelen. De bestuurslijnen zijn hier kort en informeel. En het ontbreken van strakke overheidsregels gaf ons de mogelijkheid ons op speerpunten te concentreren.'
Eén van die speerpunten is de cleanroom van de faculteit natuurwetenschappen. De ruimte is weliswaar zeer bescheiden van omvang - zes bij zes meter - maar voor de universiteit uitermate belangrijk. De hoogwaardige optische technologie die de onderzoeksgroep gebruikt om chips te maken is nergens anders in Finland te vinden. 'We werken veel samen met hightechbedrijven uit het hele land', aldus professor Jari Turunen. 'Misschien zijn we relatief gezien wel de duurste onderzoeksgroep van de universiteit, maar we zorgen ook voor een belangrijk stukje natuurwetenschappelijk aanzien.'
Een ander speerpunt is het 'Long Distance Learning' project van de faculteit Onderwijskunde. 'Finland is het land met het grootste aantal mobiele telefoons per hoofd van de bevolking', weet ICT-professor Jarmo Levonen. 'Niet zo gek natuurlijk. Want hoe moeten die vijf miljoen mensen elkaar anders vinden.' De afstanden tussen dorpen en steden zijn inderdaad eindeloos. Vandaar ook dat afstandleren in Finland zo populair is. 'Wij doen dat hier trouwens wel veel rudimentairder dan in Europa. Onze onderwijsprogramma's moet je ook met een simpele computer en een normaal modem kunnen volgen. Wij zijn vooral gericht op het met minimale techniek maximaal gebruik maken van virtuele leeromgevingen. Terwijl jullie in Nederland vooral steeds ingewikkelder software maken waar je steeds snellere computers voor nodig hebt.'
'Omdat Finland op houten schoenen staat, gaat er traditioneel ook veel aandacht en geld naar de faculteit Bosbouw', zegt Markku Ropo, de coördinator internationale betrekkingen van de faculteit Forestry. 'De Finse economie steunt voor een belangrijk deel op de houtindustrie. Wetenschappelijk onderzoek naar houtkap, bosbeheer en papierproductie kan altijd op veel belangstelling rekenen. Meer dan eenderde van ons budget bestaat dan ook uit geld dat we verdienen met contractactiviteiten.'
En dat 'commerciële geld' is nodig ook. Want net als in Nederland neemt de financiering van overheidswege ook in Finland af. Financieel directeur Kallio: 'Alle faculteiten en afdelingen zijn druk bezig te bekijken hoe ze hun inkomsten op peil kunnen houden. Bosbouw en Chemie slagen er goed in zich ondernemend op te stellen. Ze krijgen veel onderzoeksgeld van de Academy of Finland (vergelijkbaar met NWO, red.), de Europese Unie en commerciële bedrijven. De faculteiten Geesteswetenschappen en Psychologie proberen hun afhankelijkheid van overheidsgeld ook te reduceren. Hoewel ze qua ondernemdheid nog wel wat achter lopen.'
Profileren
Sisu - het woord dat staat voor de extreme vastbeslotenheid en het doorzettingsvermogen dat zo kenmerkend is voor Finnen - lijkt ook op de universitaire staf van toepassing. Tegen alle verwachtingen in is Joensuu dé ondernemende universiteit van Finland geworden. En met dezelfde vastberadenheid blijven ze zich ook profileren, vooral internationaal.
Zo doet 'the Office of International Relations' alle mogelijke moeite om het buitenlandse studenten zo goed mogelijk naar de zin te maken. Voor een riante kamer - meestal met eigen douche en toilet - wordt gezorgd. Finse host-studenten halen de gasten van station of vliegveld en staan de buitenlandse studenten ook gedurende het verblijf met raad en daad terzijde. Bovendien organiseert de internationale poot van de Student Union regelmatig speciale feesten, bijeenkomsten, langlaufavonturen en trektochten.
Ook de wetenschappers laten stuk voor stuk weten zeer geïnteresseerd te zijn in samenwerking met buitenlandse universiteiten. Eira Varis van het Karelian Research Institute - een sociaal-economische onderzoeksschool voor de regio - doet veel onderzoek samen met de Universiteit van Sint Petersburg. De faculty of forestry heeft regelmatig bosbouwstudenten uit Wageningen over de vloer. En Levonen, de ICT-expert van Onderwijskunde, volgde eind vorig jaar een cursus op het computerlab van UT-professor De Jong.
Drinken
Sisu lijkt ook van toepassing op het drankgebruik van de Finnen. Dat vertoont af en toe behoorlijk resolute trekjes. Finnen zijn nauwelijks in staat om op een 'gezellige' manier bier te drinken. Ze drinken óf helemaal niet óf veel te veel.
Misschien veroorzaakt de hoge prijs - een blikje bier kost een gulden of vijf en in de kroeg betaal je al gauw een tientje voor een halve liter - de wat geforceerde omgang met spiritualiën. In het café een rondje geven: de Finnen zullen niet gauw op het idee komen. En ook op feestjes neemt een ieder z'n eigen drank mee.
'Tja, zo zijn wij nou eenmaal', zeggen de studentbestuurders van de Student Union. 'Alle buitenlanders moeten d'r even aan wennen. Maar als ze in de gaten hebben wat alcohol hier kost nemen ze het heel snel over.'
Student Union
Alle studenten in Finland zijn verplicht lid van de plaatselijke Student Union. In Joensuu kost ze dat 500 finnmark (185 gulden) per jaar. Voor dat bedrag krijgen ze veel terug: medische hulp, culturele- en sportfaciliteiten en aanzienlijke kortingen op het - uitstekende - eten in de kantines. Bovendien mogen studenten met een Unionkaart voor half geld met vliegtuig en trein reizen.
Naast de praktische voordeeltjes zorgt de Student Union ook voor democratische studenteninvloed op het beleid van de universiteit. Student-vertegenwoordigers hebben via de Union zitting in faculteitsraden en de centrale raad en praten serieus mee over belangrijke besluiten.
Ooit runde de Union - budget ruim negen ton - een eigen restaurant en een paar bedrijfjes. 'Maar', verklaard voorzitter Janne Tamminen hoofdschuddend, 'dat liep allemaal rampzalig af. Die zijn inmiddels allemaal failliet.'