Akkoord over clustering tot vijf faculteiten

| Redactie

College van Bestuur en decanen zijn het onlangs in het Management Team in principe eens geworden over een nieuwe facultaire organisatie. 'In overgrote meerderheid' onderschrijft men een koers die erop is gericht de komende jaren de bestaande faculteiten te clusteren tot vijf, mogelijk zes nieuwe eenheden. De slagvaardigheid van de vier speerpuntinstituten wordt vergroot.

Het CvB staat een clustering voor om te komen tot nieuwe mogelijkheden en combinaties in onderwijs en onderzoek, financiele besparingen, bestuurlijke efficiency, ruimte voor interdisciplinariteit en doelgerichtere huisvesting. Rector van Vught noemt de clustering een stap naar een verdere 'veralgemenisering' van de UT. De nieuwe faculteiten zijn:

-construerende wetenschappen , bestaande uit de huidige faculteit werktuigbouwkunde en (onder voorbehoud) de afdeling civiele technologie;

-technische wetenschappen , met de huidige faculteiten chemische technologie, elektrotechniek, technische natuurkunde en toegepaste wiskunde;

-informatiewetenschappen , met de huidige faculteit informatica, plus bedrijfsinformatietechnologie en de nieuwe opleiding telematica;

-sociale wetenschappen , met de huidige faculteiten technologie & management en bestuurskunde;

-gedragswetenschappen , met de huidige faculteiten toegepaste onderwijskunde en wijsbegeerte & maatschappijwetenschappen, en op termijn mogelijk een faculteit ' zorgwetenschappen' (zie ook bericht op pagina 3).

De voorstellen hebben nog een voorlopig karakter zolang er nog gesprekken lopen tussen T&M, BSK, TO en WMW over (andere) vormen van integratie. Deze gesprekken lopen, volgens een CvB-verklaring, parallel aan de discussies die binnen de betrokken faculteiten in gang gezet zijn. Ook wordt over de nadere invulling van de faculteit der informatiewetenschappen nog overlegd gevoerd tussen betrokken decanen. De toekomstige positie van civiele technologie & management is onzeker, zolang het onderzoek van de Delftse hoogleraar Blauwendraad naar de gewenste toekomstige signatuur van dit vakgebied nog niet is afgerond.

Het CvB wil ook de vier speerpuntinstituten meer slagvaardigheid meegeven. Voorgesteld wordt de positie van de wetenschappelijk directeur van deze instituten te versterken door de financiële middelen voor het instituut rechtstreeks aan hem toe te wijzen. Het instituut krijgt een bestuur dat opereert volgens het raad van commissarissen-model. Het zal bestaan uit de decanen van de faculteiten die een belangrijke input in het instituut hebben, en externe leden waaronder de voorzitter. De band met de bestaande faculteiten en disciplines van medewerkers blijft in het voorstel gewaarborgd doordat het personeel is aangesteld bij een faculteit en niet bij het instituut.

Van Vught bevestigt dat deze clustering een verdere stap is naar een algemene faculteit met een groot scala aan maatschappijwetenschappelijke en harde technische richtingen. 'De huidige disciplines blijven alle in tact. Ik heb altijd gezegd dat we een soort Stanford aan de Dinkel moeten zijn met technische, maar ook andere richtingen. Ik vind deze voorstellen tot clustering bepaald goed, omdat er inhoudelijke overwegingen aan ten grondslag liggen. We gaan hiermee naar de centrale ondernemingsraad. Ik weet dat de Raad van Toezicht voorstander is, wel zal het bestuursreglement veranderd moeten worden.

Van Vught achtte verder voldoende onderscheid aanwezig tussen de faculteiten gedragswetenschappen en sociale wetenschappen en sloot niet uit dat civiele techniek & management alsnog wordt ondergebracht bij sociale wetenschappen. Hetgeen dan kan betekenen dat die faculteit ook ingenieurs gaat afleveren.

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.