Over en Sluiten, Column

| Redactie

Nog twintig minuten. Je zit op je knieën tussen je zogenaamde 'open archief' dat zojuist als een lawine uit de houten behuizing van je linker en rechter bureaukastjes is komen lazeren. De berg papier is zo amorf als-ie groot is: krantenknipsels, gecopieerde aantekeningen, kerst- en nieuwjaarskaarten, brieven, bankafschriften, aanmaningen, adreswijzigingen, facturen, propedeuse- en doctoraalbullen, inschrijvingsbewijzen, campuskaarten, loonstroken. De stapels óp het bureau, de ingekomen post van de laatste maanden, heb je reeds als een razende doorspit - daar zat-ie niet tussen. Dus begin je zacht neuriënd aan de berg voor je: elk briefkaartje, elk ansichtje glijdt door je vingers, aan ieder paperasje wordt even geschud, tot je zeker weet: dat stembiljet vind ik niet meer terug in dit leven. De lokalen sluiten, Maurice laat zijn Hond voor de laatste keer uit, jij begint verslagen met de berging van je archief. De Provinciale Statenverkiezingen van 1999 keren nooit weerom.

Stembiljet

De opkomst bij ook deze verkiezing is bedroevend laag, de democratie loopt leeg als een lekke band, provincies kunnen worden afgeschaft, gemeenteraden en Kamers ook, vraag het maar aan Barend en Witteman. Maar hoeveel procent van de Nederlandse niet-stemmers bestaat uit niet-vinders? Heeft de Man met de Hond dat wel eens uitgezocht? Dat vreselijk saaie strookje met die nare kartelrand, dat tot papier en inkt geworden stukje Hollandse bureaucratie - het vaderlandse stembiljet - dat lijkt toch speciaal ontworpen om zoek te zijn juist op het moment dat je het nodig hebt? En niet te vergeten: ontworpen om weer op te duiken als je in rokkostuum op je knieën zachtneuriënd in je 'open archief' ligt te graaien op zoek naar de bus- en galakaartjes voor jou en je partner terwijl achter je de fluwelen jurk met split 'Dat meen je niet, dat kun je niet menen' begint te fluisteren.

Tubbiebreak

Klik, klik, klik, klik.

Aaaarch....

Met de deadline op een uur loopt je computer vast. Je belt met de Helpdesk. Die zijn in gesprek. Die zijn altijd in gesprek. Dan maar resetten. Klik. Paswoord invullen. Klik. Word-icoontje. Klik, klik. Waar zijn die reservebestanden nou? Klik, klik. Van pure stress hamer je de muis zo ongeveer door het bureaublad.

De volgende morgen: stijve nek, pijnlijke schouders, zeurende pols, zware bovenarmen, hoofdpijn. 'RSI! Repetitive Strain Injury, ook wel muisarm genoemd', concludeert je collega meedogenloos. 'Op www.workpace.com staat een computerprogramma om erger te voorkomen.'

Op Internet? Maar hoe kom ik daar als ik mijn muis niet meer mag gebruiken? Toch stiekem doen dan? Na installatie dicteert het 'user customiseable break regime' wanneer en hoe je je werk dient te onderbreken. Tijdens de 'micropauze' (om de drie minuten) doe je zittend achter je computer een paar simpele ontspanningsoefeningen. In de 'restbreak' (om de dertig minuten) sta je op om te 'exercisen' en te 'stretchen'.

Na twee dagen micropauze-icoontjes wegklikken en tientallen krampachtig ontspanningsoefeningen heb je RSI-plus. Ziek thuis kijk je 's morgens naar de Teletubbies. Tinky-winky, Dipsy, Laa Laa en Po brabbelen, steppen, dansen, zingen en lachen keer op keer op keer op keer. 's Middags kijk je opnieuw: precies dezelfde uitzending. De eindeloze herhaling maakt je rustig.

Terug op je werk vervang je de restbreaks door een vrolijk over je scherm huppelende Dipsy. In plaats van de 'exercises' en 'stretches' print je om de 30 minuten een Teletubbie-kleurplaat. De micropauzes - die zich ongeveer iedere minuut spontaan aan je opdringen - vul je met de vraag of Tinky-winky nou wel of geen homo is. En om tien en om vier uur loop je naar de tv in de kantine: 'Het zonnetje lacht. De hemel is blauw. Dus Teletubbies, kom maar gauw.'

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.