Een tafel vol brood en beleg vormde het middelpunt van de meedenkerslunch die studentenpartij UReka vorige week donderdag hield in de Bastille. Zo'n 25 studenten, met name partijleden, gaven hun mening over brandende UT-kwesties.
UReka organiseert regelmatig meedenkersbijeenkomsten om te horen wat er speelt. Toch luncht er maar een handjevol studenten mee dat niet al in het bestuur of de fractie van UReka zit. Fractielid Pascal Hollman: `We willen graag contact hebben met studenten om te horen wat zíj willen, maar helaas is er maar weinig animo voor dit soort zaken.'
De stelling `tienduizend studenten op de UT in 2010' leidt tot weinig discussie. Men is het er over eens dat deze doelstelling van het college van bestuur een slechte is. `We moeten gaan voor kwaliteit en groei niet zien als een doel op zich.' De studenten denken dat de doelstelling officieel wel gehaald zal worden. `Met een truc, bijvoorbeeld door promovendi en dat soort mensen mee te rekenen komen ze vast wel op de tienduizend uit.'
De aanwezigen zijn duidelijk niet voor het invoeren van volledig Engelstalig onderwijs tijdens het derde jaar van de bachelor. `Je hebt je ooit ingeschreven voor een Néderlandse studie en dus wil je die ook krijgen. Bovendien beheersen veel mensen, ook docenten, de Engelse taal onvoldoende.' De studenten adviseren een betere voorbereiding op de Engelstalige masters en een geleidelijke invoering van Engels in de bachelorfase.
Met de stelling `de fluim financiert' start een discussie over financiële prikkels voor trage studenten. Wanneer iemand een vak voor de derde maal volgt, zou hij of zij de kostprijs van dat onderwijs moeten betalen. `Dat kun je niet maken,' concludeert men al snel. `Iedereen betaalt al collegegeld en sommige mensen hebben nou eenmaal grote moeite met bepaalde vakken. Je moet mensen juist motiveren en de kwaliteit van het onderwijs verbeteren.' De aanwezigen pleiten dan ook voor de invoering van een `Bindend Doceer Advies'; docenten moeten worden beoordeeld op hun didactische vaardigheden en waar nodig worden bijgeschoold.
De laatste discussie is er één van praktische aard: moet er een alternatieve bibliotheek komen in de stad, met name nu de UB in de Vrijhof wordt verbouwd? `We hebben toch al een tijdelijke bieb in Langezijds?' draagt iemand aan. `Maar daar kun je niet rustig leren, te veel lawaai,' vindt een ander. Volgens sommigen is een bibliotheek in de stad geen goed idee, dat sluit namelijk niet aan bij het campusconcept. `Als je toch in de stad wilt zitten kun je bij het Saxion gaan leren,' zegt een meedenker. De discussie verschuift naar het feit dat faculteiten hun computerzalen alleen beschikbaar stellen voor `eigen' studenten. Omdat de faculteit veel geld in de faciliteiten steekt, komen mensen van een andere opleiding er niet in. Belachelijk, volgens de discussievoerders. UReka zal dit probleem tijdens de eerstvolgende vergadering van de universiteitsraad inbrengen: de universiteit moet zorgen voor goede studiefaciliteiten, ook nu de Vrijhof wordt verbouwd.
![]()
Mee-eten en meedenken.