Vuile handen
In Maastricht is een student gesnapt die spiekbriefjes had verstopt onder de pleeborstel in de wc van de tentamenzaal.
Wij hebben een heel groot inlevingsvermogen en verbazen ons zelden.
Dat iemand om allerlei studentikoze redenen niet aan het studeren voor een tentamen toekomt?
Verbaast ons niks.
Vriendinnetjes, vriendjes, werk, feestjes, dispuutsborrels, buiten-curriculaire activiteiten, wie heeft er überhaupt nog tijd om tentamens te leren?
Dat diegene vervolgens besluit de tentamenstof samen te vatten op kleine papiertjes die tezamen een berg confetti vormen waar de gemiddelde Brabander tijdens carnaval nog `u' tegen zegt?
Een beetje ouderwets in dit digitale tijdperk, maar vooruit: been there, done that.
Dat-ie vervolgens die berg papiertjes verstopt onder een wc-borstel in het aanpalende wc-blok?
Origineel, waren wij niet opgekomen. Maar, wederom, de vindingrijkheid van het studerend deel der natie in acht nemend: het verbaast ons niks.
Maar dat ze de briefjes gevonden hebben! Klaarblijkelijk bestaat de examencommissie van de faculteit economie van de Universiteit Maastricht uit rechercheur De Cock (`met cee-o-cee-kaa') en zijn collega, de onvolprezen Dick Vledder.
Hoe anders is het te verklaren dat een medewerker van die dienst erin is geslaagd die spiekbriefjes onder een pleeborstel op te sporen? Misschien sloeg commissaris Spiekbriefhond aan in de toiletblokken en is de examencommissiemedewerker vervolgens zelf op de knietjes gegaan om onder de borstel de belastende vondst weg te graaien. In de strijd tegen de frauderende student moet je nu eenmaal niet bang zijn om vuile handen te maken.
Maham!
`Hoi mam, met mij.'
`Hoi jongen. Alles goed? Eet je wel gezond? En hoe gingen je tentamens? Ik zag op de voorkant van jullie universiteitsblad dat jullie hartstikke dicht op elkaar zitten in zo'n zaaltje. Als sardines in een blik. Is dat wel hygiënisch? Kun je je dan wel concentreren? En dat die bieb van jullie dicht is, vinden papa en ik ook maar niks. Kom anders gewoon thuis rustig studeren.'
`Euh, mam…'
`Maak ik lekker soep voor je, en broodjes.'
`Ik moet je iets vertellen.'
`O, god, je hebt toch niet een meisje van de vereniging zwanger gemaakt?'
`Maham, neehee, maar het is wel op een borrel gebeurd.'
`Dus ik word geen oma.'
`Nee. Doe toch niet zo paranoia mens.'
`Je gebruikt die condooms toch wel hè, die we sturen?'
`Jahaa. Laat me nou uitpraten.'
`Oke, ik zet je even op de speaker. Allard, luister, je zoon wil je wat vertellen.'
`Nou, euh, ik zit dus in het ziekenhuis.'
`Toch niet op de kraamafdeling?'
`Neehee, op de eerste hullup. Kijk, we waren gewoon zoals vanouds een robbertje traditioneel aan het stoeien met die gasten van elektrotechniek. Zij hadden een constitutieborrel en dan weet je wel hoe het gaat. Dat zijn nou eenmaal de mores. Nou, een van die gasten kneep z'n bierglas aan gort, de sukkel, en wie kreeg de scherven in z'n nek? Moi. Tien hechtingen. Heb ik dat.'
`Jongen toch, wat een pech! Maar, er waren alleen kerels van de partij? Da's dan een geluk bij een ongeluk. Ik moet er niet aan denken wat er had kunnen gebeuren als je met een meisje een robbertje traditioneel was gaan stoeien.'
`Mam!'