`Welvaart India is een mythe'

| Redactie

`Booming' India is hét schoolvoorbeeld van ontwikkeling door globalisering. Dat beeld nuanceren is als vloeken in de kerk. Professor Kristoffel Lieten, bijzonder hoogleraar kinderarbeid aan de UvA en India-kenner, is wat dat betreft een ketter pur sang. Dat het zo ontzettend goed gaat met India is `een mythe', zei hij vorige week donderdag tijdens een symposium dat studievereniging ConcepT (civiele techniek) organiseerde in samenwerking met Studium Generale.


Hoeveel auto's er rijden in India, vraagt Lieten. Of zijn gehoor wel in het achterhoofd wil houden dat India zo'n 1,1 miljard inwoners heeft. Honderd miljoen blijkt de meest voorzichtige schatting. Zijn antwoord is ontnuchterend. `Zes miljoen, waarvan eenderde tot veertig procent alleen al in New Delhi. Een half procent van de totale bevolking heeft een auto.' Dat is veelzeggend, vindt hij. `Autobezit is een algemene indicator van het ontstaan van een middenklasse. Die is dus heel beperkt.' Over een mobieltje heeft slechts 0,2 procent van de mensen de beschikking. Lieten: `En dat ondanks het feit dat de Indiase economie al vijftien jaar sterk groeit.'

Die discrepantie tussen armoe en groei is volgens Lieten vrij eenvoudig te verklaren. Want de grootste pijler waar India's economische groei op rust, is de dienstensector die vijftig procent van de totale groei voor zijn rekening neemt. `Neem de ICT in de stad Bangalore', vervolgt Lieten. `Ondanks de grote bedragen die er omgaan en de grote winsten die er geboekt worden, is die sector nu niet in staat, en in de toekomst ook niet, om het probleem van de werkloosheid in India op te lossen. Hoe dat komt? De sector is sterk gelieerd aan het buitenland en alleen een rijke bovenlaag profiteert ervan.'Het idee dat India een economische grootmacht in wording is, berust nergens op, vindt hij. `Met 0,6 procent van de wereldexport en 0,2 procent van de totale investeringen is dat toch lastig vol te houden.'

Lieten vreest een enorme tweedeling. `Je krijgt twee soorten India, met aan de ene kant een overgrote meerderheid die het moet doen met een maandinkomen van duizend tot vijftienhonderd roepie per maand, zo'n 28 euro, en aan de andere kant de toplaag die maandelijks twintig- tot dertigduizend roepie, 560 euro, verdient.'

Voor de economische groei die een klein deel van de bevolking ten goede komt, heeft India een hoge prijs betaald, vertelt Lieten. Onder druk van het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank zijn de importtarieven sterk verlaagd en werd er fors gesneden in overheidssubsidies, met name in de landbouw. Vooral boeren en mensen die werkzaam zijn in kleinschalige nijverheid hebben het zwaar te verduren gekregen. Zij ontvingen minder overheidssteun en kregen te maken met een toevloed van goedkope buitenlandse producten van goede kwaliteit.

De globalisering heeft India geen goed gedaan, meent Lieten. Zo is de werkgelegenheid in vergelijking met de jaren negentig met 2,5 procent gedaald. Het verbaast Lieten niet. `Globalisering betekent mee met de arbeidsproductiviteit van de rest van de wereld, waarin moderne technieken de productie van mensen overnemen. Het gevolg: honderden miljoenen mensen die om werk schreeuwen en in armoede leven.'

Wat betekent zeven procent groei (afgelopen jaar) als daar maar een beperkt aantal mensen van profiteert? Lieten wijst op de positie van India op de Human Development Index, de welzijnsindex van de Verenigde Naties. `India is blijven steken op een niveau dat nauwelijks boven dat van sub-Sahara Afrika uitkomt.'

Steeds minder Indiërs hebben bovendien werk in de formele economie. Een steeds grotere groep leeft zelfs onder de armoedegrens. Vijfendertig procent van de Indiërs moet het doen met omgerekend één dollar of minder per dag. En dat is niet alleen `zielig' voor die mensen, betoogt Lieten, het heeft ook belangrijke economische en politieke consequenties. Het leidt tot een gebrek aan koopkracht met alle gevolgen voor de Indiase economie van dien.

De groeiende tweedeling leidt bovendien tot een sterke polarisatie. Lieten wijst erop dat India beschikt over een zeer actieve civil society van bewegingen die goed in staat zijn onvrede te kanaliseren en hun achterban te mobiliseren. Als dat gebeurt, dan `kun je er gif op innemen dat de pleuris uitbreekt'.

Leden van studievereniging ConcepT vertrekken op 19 mei naar India. Tijdens de drieweekse studiereis bezoeken de studenten verschillende bouwprojecten en wetenschappelijke instellingen. Het symposium vormde onderdeel van hun voorbereidingstraject.

Vrouwelijke demonstranten schreeuwen leuzen tegen de Wereldbank en zijn armoedebeleid in New Delhi. (Foto: ANP)
Vrouwelijke demonstranten schreeuwen leuzen tegen de Wereldbank en zijn armoedebeleid in New Delhi. (Foto: ANP)

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.