Ongeloof was De Jongs eerste reactie op het verzoek om een artikel voor Science te schrijven. `In Science publiceren is al bijzonder, ervoor gevraagd worden helemaal,' zegt hij. `Ik heb de naam van de afzender nog gecheckt, omdat ik het niet kon geloven. Maar alles klopte. Het verzoek was echt.'
Het verzoek van Science is extra uniek omdat De Jong geen natuurwetenschapper is, maar hoogleraar Onderwijspsychologie aan de faculteit Gedragswetenschappen. Met zijn afdeling Instructietechnologie onderzoekt en ontwikkelt hij methoden voor inquiry learning, in het Nederlands onderzoekend of ontdekkend leren. `Het idee daarachter is dat een leerling de stof niet kant-en-klaar krijgt aangeboden, maar leert door het toetsen van zelf opgestelde hypotheses,' vertelt De Jong vanuit zijn hotel op Cyprus. `Het is een mooie onderwijsmethode, maar zonder ondersteuning blijkt het voor leerlingen en studenten heel lastig om de juiste dingen te leren.'
De Jong werkt al zo'n twintig jaar aan die ondersteuning. Eerst in Delft, Amsterdam en Eindhoven en sinds 1992 aan de UT. Binnen de afdeling Instructietechnologie ontwikkelt hij op computersimulaties gebaseerde leeromgevingen. Daarin kunnen leerlingen onderzoekend leren en waar nodig bijgestuurd of geholpen worden. `Het programma geeft bijvoorbeeld tips voor het opstellen van een hypothese of leidt de leerling stap-voor-stap door een experiment,' aldus De Jong. `Wij onderzoeken met name welke ondersteuning de beste resultaten oplevert.'
Hij haalt de recente discussie rond het `nieuwe leren' aan. `De kritiek is vaak dat leerlingen weinig lesinhoud krijgen en volledig zelf hun weg moeten vinden. Dat is niet wat wij voor ogen hebben. Het gaat om de inhoud en de ondersteuning in het onderzoekend leerproces zou juist heel intensief moeten zijn.' Overigens ziet De Jong onderzoekend leren niet als enige zaligmakende onderwijsvorm. `Een goed curriculum is een mix van allerlei onderwijsvormen. En onderzoekend leren is niet overal geschikt voor. Hoe je een staartdeling uitvoert moet je niet ontdekken, maar onderwezen krijgen.'
De computersimulaties voor onderzoekend leren bewijzen vooral hun nut in de natuurwetenschappen. `Alleen al omdat sommige experimenten praktisch te ingewikkeld zijn voor in de klas. Met simulaties kun je de stof dan toch inzichtelijk maken,' vertelt De Jong. `Er is een markt voor. We hebben veel van onze simulatieprogramma's aan educatieve uitgevers in binnen- en buitenland verkocht en hebben er verschillende prijzen mee gewonnen.'
Toen De Jong na de uitnodiging van Science van de verrassing bekomen was, schreef hij een samenvatting van honderd woorden, die hij na akkoord verder uitwerkte. `Het was niet gemakkelijk om het hele verhaal in tweeduizend woorden te vertellen,' kijkt hij terug. `Maar daarna begon het pas echt. Op het commentaar van Science editors en reviewers moest ik vaak binnen een dag reageren. Ik was toen veel op reis, maar het is steeds gelukt. Het voelt alsof ik het artikel voornamelijk in hotels en vliegtuigen heb afgemaakt. Maar dat had ik er natuurlijk graag voor over.'
![]()
Ton de Jong: `Ik kon het niet geloven, maar het verzoek was echt.' (Foto: Maurits Diephuis)