Succesvolle manager moet techniek loslaten

| Redactie

Waarom zijn er zo weinig ingenieurs werkzaam in de top van het bedrijfsleven en de politiek? Op die vraag probeerden Wouter Schoonman, lector assessment bij Saxion Hogescholen, en Pim Paffen van TSM Business School tijdens het KIVI NIRIA-BTC Café afgelopen vrijdag een antwoord te vinden. `Een manager is niets meer of minder dan duurbetaalde smeerolie.'


`Het riekt hier naar ingenieurs', valt Schoonman met de deur in huis. `Er was geen ontvangst, we zijn ruim een half uur later begonnen dan gepland, er is geen beamer, amper deelnemers en tot overmaat van ramp word ik ook niet betaald.' Geen probleem, dan moeten de luisteraars maar even meewerken aan een onderzoek van Schoonman en een zooi vragenlijsten invullen. `Als tegenprestatie.'

Schoonman toont een sheet met de Mona Lisa van Da Vinci. `Wie kent dit schilderij niet?', vraagt hij. `Tja, we zijn onder ingenieurs', klinkt het verontschuldigend. Hij vertelt over UvA-onderzoeker Nicu Sebe, wiens emotion recognition software tot de conclusie kwam dat Mona Lisa voor 83 procent lacht, 9 procent afkeer uitstraalt, 6 procent angst en 2 procent woede toont. `Dat is een typische ingenieursoplossing.'

Dat problemen een technische oplossing hebben, dat is de mindset van de techneut, meent Schoonman. Terwijl dat vaak helemaal niet het geval is. Als manager in het bedrijfsleven gaat het veel meer om de omgang met mensen, om politiek. `Kun je dat niet: ga niet geforceerd de manager spelen, maar word gewoon gelukkig in je vak.'

Psycholoog Pim Paffen promoveerde in 1998 op de loopbaanontwikkeling van ingenieurs. Destijds stelde hij dat voor ingenieurs die zichzelf geen rasechte techneut vinden, carrière maken in het management een aantrekkelijk alternatief kan zijn. Maar dan moeten ze wel loskomen van de technologie en hun sociale vaardigheden gaan ontwikkelen.

In zijn proefschrift beantwoordde Paffen de vraag wat voor ingenieurs dat zijn, die het tot algemeen manager schoppen. `Het zit `m in de persoonlijkheid, niet in de kennis', concludeert hij. `De meeste ingenieurs blijven steken in het middle-management omdat ze zich te weinig weten te onthechten om echt general bezig te zijn. Ze moeten de techniek loslaten.'

Uit zijn promotieonderzoek bleek dat onder de 45 ondervraagde ingenieur-managers twintig kinderen van ondernemers waren en zeven boerenzoons. `Boeren zijn toch ook ondernemers?', klinkt het. Paffen: `Juist!' Hij somt moeiteloos de kenmerken van de ingenieur op die het tot succesvol algemeen manager heeft geschopt. Die studeerde werktuigbouwkunde of chemische technologie in Delft, volgde veel bijvakken, komt uit een ondernemend milieu, was al vroeg een leiderstype en ging altijd al voor goud in plaats van brons.

De meeste succesvolle managers die Paffen interviewde, belandden na een (technische) startfunctie al snel in een leidinggevende functie. `Die stap moet je zo snel mogelijk maken', meent hij. Dan volgt idealiter een paar jaar projectmanagement. Het keerpunt: de eerste stappen op het gebied van line-management. `Dan moet je de juiste mensen aannemen, het verloop terugdringen, dat soort dingen. Alles kom je in die functie tegen.' Wie zich teveel aan de techniek vasthoudt en zich te weinig bekommert om sociale vaardigheden, zal het niet redden, meent Paffen.

In het management draait het om ondernemerschap, een multidisciplinaire belangstelling en leiderschap. `Ingenieurs die algemeen manager zijn geworden, zul je nooit meer herkennen als ingenieur. Breedtekennis is dan veel belangrijker dan dieptekennis.'

Stay tuned

Sign up for our weekly newsletter.