Eén voorwaarde luidt dat het college van bestuur minimaal het concept-sociaal plan aan alle door de reorganisatie getroffen medewerkers moet aanbieden. Ook wil de raad dat alle promovendi in de getroffen leerstoelen hun huidige promotieonderzoek kunnen afsluiten met een promotie. Als laatste wil de FR dat er zo snel mogelijk een procedure komt voor bewaking van de voortgang van de reorganisatie.
Het TNW-managementteam heeft via decaan Alfred Bliek laten weten in te stemmen met de genoemde voorwaarden. Het CvB zal met individuele medewerkers nadere afspraken maken over de te treffen maatregelen waarbij het concept-sociaal plan van 2 mei 2006 als basis dient. De vakbonden (verenigd in het overlegorgaan OPUT) maken bezwaar tegen de gang van zaken. `Het CvB lapt hiermee de regels aan z'n laars,' zegt OPUT-voorzitter Jan van der Meij. `Zonder overeenstemming met de vakbonden biedt het college medewerkers toch een sociaal plan aan. Dat is in strijd met de CAO.'
Het uitblijven van een overeenstemming ontstond een maand geleden toen de onderhandelingen over het sociaal plan in een impasse raakten. Van der Meij: `Het college van bestuur had het voornemen een sociaal plan met ons af te spreken, maar op twee belangrijke punten werden we het niet eens. Zo verliezen medewerkers die vervroegd uittreden, een deel van hun pensioenopbouw. Dat moet financieel gecompenseerd worden. Over de hoogte ervan bereikten we geen overeenstemming.'
Een ander twistpunt is de ontslagdreiging. `Door takenpakketten te herverdelen en daarna de functies op te heffen ontstaat er een ontslagdreiging. Dat is voor ons onacceptabel omdat het dan mogelijk is medewerkers aan te wijzen die je graag kwijt wilt door hun functie uit te kleden,' aldus de OPUT-voorzitter.
Gisteren legde de OPUT het concept-sociaal plan aan zijn leden voor. `Een meerderheid stemde tegen. Nu het CvB heeft ingestemd met de voorwaarden van de FR - en dus buiten de vakbonden om een sociaal plan aanbiedt - zullen wij dit voorleggen aan onze landelijke bestuurders die hierover met de vereniging van universiteiten, de VSNU, aan tafel moeten.'