`Barroso zou graag zien dat ik me goed op de hoogte stel van de standpunten van de verschillende onderdelen van de Europese bureaucratie', zegt Van Vught, die op dit moment aan het tweede uitgebreide voorstel werkt. `De netwerkbenadering, zeg maar.'
De kritiek - onlangs werd in het blad Carp gesuggereerd dat de netwerkbenadering slechts kan leiden tot een `halfbakken, virtuele msn-universiteit - werpt Van Vught ver van zich. Leuk bedacht, stelt hij, maar bezijden de waarheid. `Wetenschappers gaan in de eerste plaats samen in onderzoeksgroepen aan de slag en dat werk zal plaatsvinden in grote, moderne laboratoria die mede voor het EIT worden gebouwd', zegt Van Vught. Volgens hem moet dan gedacht worden aan grote cleanrooms die in de buurt van de sterkste groepen zullen worden gebouwd en waarvan een magneetwerking uit moet gaan. `Daar kunnen onderzoekers elkaar op regelmatige basis ontmoeten, bijvoorbeeld twaalf keer per jaar.' Zowel de Europese Commissie als het bedrijfsleven draaien voor de kosten op. Van Vught wijst erop dat er bovendien een PhD-opleidingensysteem komt. `Ook dat is concreet.'
Manuel Castells (zie kader) geldt als iemand met een grote reputatie op het gebied van informatietechnologie en het effect daarvan op de samenleving. Van Vught: `Je zou kunnen zeggen dat ik de hoger onderwijskant voor mijn rekening neem en Castells kijkt naar de brede maatschappelijke context.'
Het European Institute of Technology krijgt in het voorstel van de Europese Commissie een netwerkstructuur met een centraal bestuur. Daarmee komt voorzitter Jose Manuel Barroso tegemoet aan de voornaamste kritiek van de lidstaten, die niets zien in een eigen gebouw en onderzoeksfaciliteiten voor de Europese tegenhanger van het vermaarde Massachusetts Institute of Technology in het Amerikaanse Boston. Ze zijn bang dat dat ten koste zal gaan van de Europese budgetten voor onderzoek en onderwijs.
Onderwijsminister Maria van der Hoeven pleitte er deze week in de Kamer nogmaals voor het EIT zo lichtvoetig mogelijk te houden. Een zwaarwichtig instituut tast volgens haar mogelijk de autonomie van de Nederlandse universiteiten aan, terwijl de Nederlandse overheid juist meer autonomie aan de instellingen wil geven.
Van der Hoeven is wel van mening dat als Nederlandse universiteiten meedoen aan het nieuwe instituut dit grote voordelen met zich mee kan brengen, zoals een grotere aantrekkingskracht op topstudenten en -onderzoekers. De eerste onderzoeksprogramma's van het EIT moeten al in 2010 draaien. In het nieuwe instituut moeten Europa's beste groepen op het gebied van energie, ICT en nanotechnologie worden verenigd. De universiteiten wier vakgroepen daar deel van uitmaken, mogen vervolgens het keurmerk `EIT' voeren. De 3TU-federatie in wording steunt `dit idee van Barroso mits het virtueel blijft'. Dat lijkt dus niet helemaal het geval te zijn: het EIT zal zich blijkens de informatie van Van Vught ook fysiek manifesteren.
![]()
Manuel Castells (Foto: Arjan Reef)